Dit krijgen we op onze boterham

Salami, boterhamworst, hesp...Vandaag geven heel wat ouders zulke ‘vleesjes’ graag aan hun kinderen. Omdat ze in de smaak vallen, handig zijn als broodbeleg en overal (goedkoop) verkrijgbaar. Maar is dat wel zo’n goed idee?

Op zoek naar inspiratie? Bekijk de lekkere recepten voor veggie beleg

Uit de cijfers over onze vleesconsumptie blijkt dat Belgen tuk blijven op charcuterie. En we brengen er nog altijd volgende generaties mee groot: een rondvraag van het tijdschrift Libelle bij ouders en leerkrachten (in 2017) leert dat salami of hesp goed scoren in de brooddoos van schoolkinderen. Toch zijn er zeer goede redenen om kinderen meer plantaardig te leren eten.

'Zo weinig mogelijk eten'

Om te beginnen is een hoge inname van bewerkt vlees ongezond. Dagelijks meer dan 50 g bewerkt vlees eten kan een verhoogd risico geven op darmkanker, beroerte en diabetes type 2. Het verband tussen bewerkt vlees en een groter risico op darmkanker is volgens de WHO nog sterker aangetoond dan bij vers rood vlees. Of iemand daadwerkelijk ziek wordt, hangt uiteraard af van meerdere factoren zoals erfelijke aanleg en levensstijl. Zo weinig mogelijk eten, luidt in ieder geval het advies van het Vlaams Instituut Gezond Leven, dat charcuterie indeelt bij andere voedingswaren die veel suiker, vet of zout bevatten.

Het eetpatroon van onze kinderen is bepalend voor de toekomst

Verklein je voetafdruk

Veel vlees eten heeft niet alleen gevolgen voor onze gezondheid, maar ook voor het klimaat en het milieu. Goed 14 procent van de globale uitstoot van broeikasgassen is afkomstig van de veeteelt. Dat is evenveel als de uitstoot van de hele transportsector.

Intensieve veeteelt leidt ook tot ontbossing voor de teelt van soja, dat op zijn beurt dient als veevoeder. In 10 jaar tijd ging er zo 30 miljoen hectare bos verloren in het Zuiden, ongeveer 10 keer de oppervlakte van België. Naast ontbossing vallen ook het verlies aan biodiversiteit, en de vervuiling van waterlopen en bodems niet langer te negeren.

En het vee zelf? Elk jaar worden meer dan 300 miljoen dieren geslacht in België voor consumptie, vooral kippen, varkens en runderen. Dat gaat gepaard met heel wat dierenleed, zoals andere organisaties voortdurend aantonen met schokkende undercoverbeelden in slachthuizen.

Het goede nieuws: minder vlees eten is meteen ook de meest efficiënte manier om je ecologische voetafdruk te verkleinen. Dat blijkt uit een grootschalige studie die in het topvakblad Science werd gepubliceerd. Logisch dus dat Greenpeace de consumptie en productie van vlees wereldwijd wil halveren tegen 2050. Daarom is het zo belangrijk om kinderen andere eetgewoontes aan te leren, met veel meer plantaardige voeding en met vlees van betere kwaliteit. Broodbeleg is ideaal als eerste stap in deze richting, ook omdat er zoveel lekkere alternatieven bestaan.

Minder vlees eten is goed voor het klimaat en het milieu, maar ook voor je gezondheid

Kies plantaardig broodbeleg

In de meeste supermarkten vind je vandaag heel wat vegetarische alternatieven - niet enkel in de vorm van sneetjes, maar ook als spread of smeersel. Sommige bevatten veel zout en een redelijk hoog vetgehalte, het komt er dus op aan goed het etiket te lezen. Daarnaast kan je heel wat lekkere plantaardige alternatieven gemakkelijk zelf maken. Denk aan hummus (kikkererwten, tahin, look en citroensap mixen), erwtenpuree (een pak diepvrieserwten, olijfolie en verse munt mixen), pesto (basilicum of rucola, parmezaanse kaas, pijnboompitten, look en olijfolie mixen) of een pittige wortelspread (gekookte wortels prakken met tomatenpuree, mayonaise of veganaise en sojasaus).

“Wereld kreunt onder massaproductie van vlees”

Dokter en auteur Staf Henderickx buigt zich in zijn boek ‘Van Mammoet tot Big Mac’ (verschenen in 2017 bij EPO) over de geschiedenis van onze voeding en de huidige problemen met onze voedselproductie. Voor hem moet het volledige systeem op de schop.

Vlees is een product geworden zoals een ander. Hoe is het zover gekomen?

Sinds het begin van de twintigste eeuw stijgt de vleesproductie spectaculair, en niets lijkt de opmars van deze industrie tegen te houden. De wurggreep van de verwerkingsindustrie, de distributie- en de grootwarenhuisketens neemt verder toe. Als gevolg hiervan kunnen bijna alleen industriële landbouwbedrijven aan hun eisen qua kwantiteit, kwaliteit en prijs voldoen. Met een minimum aan investeringskosten en maximale winst rollen tonnen eieren, zuivelproducten en vlees van de band in fabrieksboerderijen.

De impact op het het milieu raakt stilaan bekend. Wat met onze gezondheid?

In zulke fabrieksboerderijen worden de dieren geselecteerd om snel vetgemest te worden met een onnatuurlijke, calorierijke en eiwitrijke voeding. Die opgefokte dieren bevatten driemaal meer vet dan dieren op de weide en leveren dus vet vlees dat mensen op hun beurt ‘vetmest’. Daardoor bevat het huidige westerse dieet te veel omega 6-vetzuren en te weinig omega 3.

Toch krijg je als reactie op zulke onthullingen vaak de bemerking: ‘Wat mag ik in hemelsnaam nog eten?’ Alle gezondheidsexperts zijn het erover eens dat we al een enorme stap vooruit zouden zetten als we onze dagelijkse vleesconsumptie verminderen. Van de huidige 200 à 300 g per persoon per dag naar gemiddeld 90 g bijvoorbeeld, is al een grote stap vooruit.

Meeste studies bevestigen: vegetariërs zijn gezonder dan vleeseters

Waarom moeten we minder vlees eten?

De redenen om minder vlees te eten zijn divers. De wijze waarop de vleesindustrie dieren behandelt en slacht, de vernietigende ecologische voetafdruk van de vleesindustrie, de te hoge vleesconsumptie in rijke landen en de bekommernis voor de eigen gezondheid zijn de voornaamste motieven om je eigen vleesconsumptie te beperken.

De meeste studies bevestigen trouwens dat vegetariërs gezonder zijn dan vleeseters. Allicht dankzij een lager gewicht, een lagere bloeddruk en cholesterol. Vlees staat aan de top van de voedselketen en daarom is de kans ook groter dat het meer gifstoffen bevat. Een extra reden voor veel gezinnen om bewust over te stappen naar een kleinere consumptie.

Toch is er meer nodig dan individuele inspanningen, namelijk een systeemverandering. Als de autosnelweg van de vleesindustrie in het huidige tempo nog breder wordt, dan zal het aantal geslachte dieren in 2050 ruim 120 miljard bedragen. De schouders van onze planeet kunnen dat niet dragen. De wereld kreunt onder de massaproductie van vlees.