Op 2 november brengt het IPCC - je weet wel, dat intergouvernementeel panel over klimaatverandering - zijn vijfde rapport uit in Kopenhagen. Dit document is zeer belangrijk, maar ook erg lang en technisch. Op basis van de laatste samenvattingen van dit IPCC en van andere recente onderzoeken, vatten wij de klimaatverandering hieronder voor jou in 10 punten samen.

1. Politici praten er veel over, maar doen er weinig aan
Politieke leiders roepen om ter luidst dat we dringend onze uitstoot van broeikasgassen moeten terugdringen, want die emissies veroorzaken de klimaatopwarming. Toch blijft de uitstoot toenemen: tussen 2000 en 2010 is deze aan een recordtempo gestegen. Waarom? Omdat we nog steeds fossiele brandstoffen gebruiken om onze economieën aan te drijven. Wetenschappers laten er nochtans geen twijfel over bestaan: op termijn zullen we onze antropogene emissies (uitstoot van menselijke oorsprong) volledig moeten stopzetten om te voorkomen dat ons klimaat helemaal op hol slaat, met alle gevaarlijke gevolgen van dien. Ondanks deze waarschuwingen heeft de Europese Unie zich net klimaat- en energiedoelstellingen gesteld die totaal niet in de lijn liggen van de uitdaging waar we voor staan.

2. Nietsdoen is rampzalig
De tijd dringt en we riskeren een hoge tol te betalen voor onze passiviteit. Als onze emissies niet snel dalen, zal het klimaat steeds warmer, chaotischer en onvoorspelbaarder worden. De mate waarin dat zal gebeuren, verschilt van regio tot regio. Bosbranden, hittegolven en dalende voedselproductie zullen geen uitzondering meer zijn, maar de regel. Met het stijgen van de zeespiegel zullen tropische eilandstaten onder water komen te staan, en worden metropolen als Londen en New York eveneens getroffen. Steeds meer dier- en plantensoorten zullen uitsterven en volledige ecosystemen zullen sterk onder druk komen te staan.

CO2-uitstoot van fossiele brandstoffen (c) Enerdata Yearbook


3. Neen, het is nog niet te laat
De gemiddelde temperatuur op aarde is tot nu toe met ongeveer 0,85 °C gestegen in vergelijking met het pre-industrieel tijdperk. De internationale leiders zijn overeengekomen dat we onze uitstoot moeten terugbrengen om de opwarming tot een maximum van 2°C te beperken. Uit recente wetenschappelijke onderzoeken blijkt echter dat bepaalde regio’s in de wereld zelfs met een opwarming van 2°C sterk getroffen zullen worden. Sommige ondervinden nu al de gevolgen van de klimaatverandering. Het goede nieuws is dat deze doelstelling volgens het IPCC nog steeds haalbaar is, op voorwaarde dat we onze uitstoot met 70 tot 95% doen dalen tegen 2050.

 

4. De energierevolutie is een must
Vanwaar komt de uitstoot van broeikasgassen eigenlijk vandaag? Hoe kunnen we die terugdringen? Meer dan 80% van de emissies die louter veroorzaakt worden door menselijk handelen, zijn afkomstig van ons verbruik van fossiele brandstoffen (steenkool, aardolie en aardgas). Het IPCC bevestigt dat ons hele energiesysteem op de schop moet als we klimaatchaos willen vermijden. We zullen geleidelijk aan zullen moeten leren leven zonder conventionele energiebronnen zoals steenkool, aardolie en aardgas. Daarnaast moeten we veel efficiënter leren omspringen met energie. Ook op andere vlakken zijn er forse ingrepen nodig, bijvoorbeeld door ontbossing tegen te gaan en onze voedselproductie duurzamer te maken.

5. Laat steenkool in de grond zitten
Steenkool is de meest vervuilende fossiele brandstof en volgens het New Climate Economy Report vertegenwoordigt het 73% van de uitstoot uit de elektriciteitsproductie. Tussen 2000 en 2010 is het steenkoolverbruik razendsnel toegenomen, vooral in Azië. Om de klimaatverandering af te remmen, is het absoluut noodzakelijk om van steenkool af te stappen. Hoewel de groeicurve van steenkool recent een lichte daling vertoont, ziet de werkelijkheid er heel anders uit. Het rapport van het IPCC neemt de recente evolutie van de situatie in China (dat de helft van alle steenkool op aarde verbrandt) namelijk niet mee in rekening. De internationale gemeenschap en politieke leiders zijn zich steeds meer bewust van de problemen die met de steenkoolindustrie gepaard gaan.

Naast de negatieve impact op het klimaat veroorzaakt steenkool ook waterschaarste en milieuschade. De lucht wordt vervuild door de uitstoot van de steenkoolcentrales, wat schadelijk is voor de menselijke gezondheid. Afstappen van steenkool zou het dagelijks leven en de gezondheid van miljoenen mensen verbeteren en talrijke levens redden. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) sterven jaarlijks 1 miljoen mensen vroegtijdig als gevolg van de vervuiling door steenkoolcentrales. Ook investeerders beginnen te beseffen dat deze energiebron op de terugweg is en zijn er steeds minder happig op om er geld in te stoppen.


Luchtvervuiling in Peking - (c) Greenpeace / Zhang Tao

6. Geen nepoplossingen zoals kernenergie en CCS
We horen zeggen dat kernenergie en CO2-afvang en -opslag (CCS) onze uitstoot zouden kunnen helpen terugdringen. Dat is niet waar. Kernenergie zorgt wereldwijd voor amper 10,8% van de elektriciteitsproductie en kent daarmee een teruggang. De kerncentrales in de wereld verouderen en de bouw van nieuwe centrales gaat gepaard met astronomische kosten en verschillende jaren of zelfs decennia vertraging. En de opslag van nucleair afval blijft een onopgelost probleem… De nucleaire ramp in Fukushima heeft deze gevaarlijke energiebron er ook niet populairder op gemaakt. Bovendien zou de stopzetting van kernenergie volgens het IPCC amper een impact hebben op onze uitstoot.

Wat de CO2-afvang en -opslag (CCS) betreft, de ontwikkelingsprojecten worden één per één stopgezt als gevolg van de torenhoge kosten en bij gebrek aan resultaten. De implementatie van deze technologie is peperduur en vereist zo’n grote hoeveelheid water, dat het op economisch vlak niet levensvatbaar is. CCS komt voor in een groot aantal modellen die het IPCC voorstelt om de uitstoot terug te dringen.  Toch is deze schijnbaar goede oplossing niet noodzakelijk. Waarom zouden we een technologie financieren die niet op tijd beschikbaar zal zijn, veel zal kosten en mogelijks vervuilend is? Hernieuwbare energiebronnen en efficiënter omspringen met energie zijn oplossingen die geen gebreken vertonen.

7. Hernieuwbare energiebronnen zijn aan het boomen
Vandaag is één vijfde van de energieproductie in de wereld afkomstig van hernieuwbare energiebronnen. En hun potentieel is nog lang niet bereikt! Elke regio in de wereld kan genoeg hernieuwbare energie produceren om 2,6 keer aan de lokale vraag te voldoen.  Hernieuwbare energiebronnen kennen een steile opgang en worden steeds betaalbaarder. Windenergie is op vele markten nu zelfs de goedkoopste nieuwe elektriciteitsbron. De prijs van de zonne-energie is sinds 2008 met 80% gedaald en die trend zou zich voortzetten.  De overgang naar hernieuwbare bronnen is dus volop bezig, maar deze moet nog versneld worden. Regeringen moeten investeringen in groene en schone energie winstgevender maken dan fossiele brandstoffen.

8. Fossiele brandstofreserves niet ontginnen
Er zijn inderdaad nog steenkool-, aardolie- en aardgasreserves die nog niet ontgonnen zijn. Maar als we de ergste gevolgen van de klimaatverandering willen vermijden en onder de kritieke grens van een 2°C-temperatuurstijging willen blijven, moeten we deze reserves absoluut links laten liggen. Daarom zijn verkennings- en boorprojecten (in het noordpoolgebied bijvoorbeeld) volstrekt waanzinnig en onlogisch.

9. Nietsdoen veel duurder dan actie ondernemen
Wetenschappers hebben getracht het kostenplaatje te ramen van de maatregelen die we moeten nemen om te vermijden dat ons klimaat op hol slaat. Deze kosten zijn zeker niet onbetaalbaar en zullen geen rem zetten op de economische groei. Volgens het IPCC zou de ‘desinflatie’ van de consumptie slechts 0,06% bedragen en dat cijfer houdt niet eens rekening met de winst die door de ingevoerde maatregelen wordt gegeneerd. Ter vergelijking, het sterftecijfer als gevolg van de luchtvervuiling in China wordt geschat op 10% van het bbp… Als we afstappen van fossiele brandstoffen, zal het geld dat we uitsparen aan gezondheidszorg (dankzij de daling van de luchtvervuiling) het mogelijk moeten maken om een groot deel van de kosten van de energie-overgang te compenseren. De overgang naar hernieuwbare energiebronnen zou bovendien de werkgelegenheid stimuleren. In 2010 hadden de investeringen door China in zonne-energie tot de creatie van 500.000 nieuwe banen geleid. Wetenschappers zijn het erover eens dat de uiteindelijke factuur veel hoger zal zijn als we de kat uit de boom kijken.

10. De inspanningen moeten eerlijk verdeeld zijn
Als we ons hele energiesysteem binnen een redelijke termijn willen omvormen, gaan we allemaal de handen uit de mouwen moeten steken. Elke regering moet in eigen land maatregelen treffen om het voorbeeld te geven en voor wedijver te zorgen. We moeten overigens niet vergeten dat de ‘rijke’ landen al grote hoeveelheden CO2 hebben uitgestoten. Dat is trouwens de reden waarom ze zich hebben kunnen verrijken. Deze landen zijn dus grotendeels verantwoordelijk voor de klimaatcrisis die we doormaken. Wij vinden het principe “de vervuiler betaalt” rechtvaardig. Als we willen dat de ‘arme’ landen en de groeilanden samenwerken in de strijd tegen de klimaatverandering, moeten wij dit principe respecteren en toepassen. De vervuilers gaan in hun geldbuidel moeten tasten, of het nu op nationaal op internationaal niveau is. Dat komt overigens goed uit, want zij hebben ook de best gevulde portemonnee. Het is louter een kwestie van rechtvaardigheid.


De stad Tacloban - op de Filipijnen, na de doortocht van orkaan Hayan - november 2013