Geen hek is sterk genoeg om de menselijke hoop voorgoed tegen te houden. Altijd weer zullen mensen het hek neerhalen, er doorheen dringen of erlangs glippen. Dat geldt vandaag over heel Europa – duizenden vluchtelingen willen niet dat hen een veilige schuilplaats wordt ontzegd.

Overal schieten Europeanen hun medemensen te hulp. En toch blijven de Europese leiders denken dat ze zichzelf kunnen onttrekken aan hun humanitaire verantwoordelijkheid.

Mensen blijven hopen ondanks gesloten grenzen

Het akkoord dat vorige week werd gesloten tussen de EU en Turkije, is het meest recente voorbeeld dat toont hoe mensenlevens nummers zijn geworden – pasmunt in een politiek spel en het constante gekibbel van de Europese leiders over de grootste vluchtelingencrisis die Europa treft sinds de Tweede Wereldoorlog.

Mensen terugsturen naar Turkije nadat ze over zee naar Griekenland zijn gevaren, is niet enkel wreed. Volgens het VN-agentschap voor de vluchtelingen (UNHCR) is het ook in strijd met hun recht op bescherming volgens Europees en internationaal recht. Moreel én wettelijk fout dus.

Het is bovendien dom om te denken dat het lijden van deze mensen – die vastzitten aan de grenzen in de ijskoude regen en de modder – wel over zal gaan, dat ze zullen verdwijnen en dat we nooit meer iets van hen zullen horen. Hun wil om Europa te bereiken blijft bestaan. Ze blijven hopen.

Greenpeace en Artsen Zonder Grenzen in actie op Lesbos

Al meer dan een jaar is Griekenland de eerste haven voor duizenden Syriërs, Afghanen en Irakezen die alles hebben geriskeerd in de hoop op veiligheid. Nu de grenzen in het noorden van Griekenland gesloten zijn, blijven ze wachten.

En toch komen er nog altijd meer aan, zoals in Lesbos, waar Greenpeace de voorbije drie maanden Artsen Zonder Grenzen (AZG) heeft geholpen om vluchtelingen op zee te redden. Greenpeace komt in actie waar de Europese leiders hebben gefaald.

Mensen geloven enkel wat ze zien – en dat is het probleem. Te weinig mensen hebben gezien hoe benard de situatie is van de 800.000 mensen die in 2015 naar mijn land zijn gekomen. Te weinig mensen geloven dat deze vluchtelingen de gevaarlijke oversteek van de Egeïsche Zee enkel in uiterste wanhoop aanvatten.

Griekse bevolking vangt vluchtelingen op

Wat het beleid in Brussel en de andere Europese hoofdsteden ook is, het menselijk lijden en de waardigheid waarvan wij in Griekenland getuige zijn geweest, valt niet te ontkennen.

Ik heb met mijn eigen ogen gezien hoe deze mensen op verbazende wijze het hoofd opgeheven hielden, hoe ze aankwamen in rubberbootjes met niets anders dan de kracht en moed om te dromen, om een schuilplaats te zoeken voor kinderen en baby’s van amper een paar dagen of weken oud.

Over het hele land heb ik ook gezien hoe mijn landgenoten hebben gereageerd, in de echte Griekse stijl. Ik heb gezien wat echte zorg betekent, hoe mensen maaltijden bereidden, kleren weggaven, hun huis openstelden voor mensen in nood, hoe ze mensen uit zee redden en anderen de passende begrafenis gaven die ze verdienden.

Dit is niet mijn Europa

Toch had ik nooit gedacht dat de Europese leiders hen ooit de rug zouden toekeren en gewoon zouden toekijken hoe ze verdronken.

Alle aandacht is gegaan naar het sluiten van de grenzen, van Noord-Europa tot de Balkan en uiteindelijk ook tot in Turkije, in een poging om de stroom tot stand te brengen. Deze mensen zoeken een veilige beschutting tegen de oorlog in hun thuisland, maar Europa spreekt de taal van cijfers en niet die van mensen.

Hier in Griekenland ben ik nog altijd getuige van de realiteit van Europa’s mislukking. Maar ik zal de ogen niet sluiten. Ik kan en wil niet aanvaarden dat dit mijn Europa is. Neen, wij zijn beter dan dit en we zullen de Europese leiders ter verantwoording roepen.

Alexandra Messare is Programmadirecteur bij Greenpeace Griekenland