De wetenschappelijke deskundigen van het IPCC zijn het erover eens dat de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen tegen 2050 met ten minste 50% moet verminderen om een verregaande klimaatverandering te vermijden. Op die manier zou het mogelijk moeten zijn om de gemiddelde temperatuur op aarde met minder dan 2°C te laten stijgen in vergelijking met het pre-industriële tijdperk. Gezien de huidige trend zal dit resultaat alleen te bereiken zijn door middel van een ware energierevolutie.
Greenpeace
heeft dan ook beslist om na te gaan hoe de doelstelling om de
wereldwijde uitstoot van broeikasgassen met de helft te verminderen,
kan worden bereikt en heeft een onderzoek aangevraagd bij het
onafhankelijke Duitse onderzoekscentrum DLR (Institute of technical
Thermodynamics). Daarbij is vooraf uitgegaan van een behoud van de
economische groei (vooral van de ontwikkelingslanden). Uit de
resultaten van het onderzoek blijkt dat een vermindering van de
uitstoot van broeikasgassen met 50% tegen 2050 mogelijk is en zelfs
kan samengaan met een snelle uitstap uit de kernenergie en een
drastische beperking van het gebruik van (de erg vervuilende)
steenkool, op twee voorwaarden:
in 2050 moet 50% van de energie op deze wereld afkomstig zijn van
hernieuwbare energiebronnen en moeten we bijna de helft van onze
energie besparen door middel van maatregelen op het vlak van
energie-efficiëntie. De
hernieuwbare energie
zou
afkomstig zijn van een mix van windenergie (op het land en op zee),
zonne-energie, energie uit biomassa, energie uit waterkracht en
geothermische energie. Meer in het bijzonder zou 70% van de
wereldwijde elektriciteit afkomstig moeten zijn van hernieuwbare
bronnen.
Om
te komen tot een aandeel van 70%
van de wereldwijde elektriciteitsproductie op basis van hernieuwbare
energiebronnen, zou de wereld elk jaar 22 miljard dollar moeten
investeren. Die te leveren investering wordt ruim gecompenseerd door
de jaarlijkse besparingen – geschat op 202 miljard dollar – die
worden gerealiseerd door minder fossiele brandstoffen (gas, steenkool
en olie) te gebruiken bij de productie van elektriciteit.
Voor
België
betekent
dit scenario dat het heel goed mogelijk is om onze uitstoot van CO2
tegen 2050 met 70% te verminderen en toch heel snel komaf te maken
met kernenergie. Het scenario voorziet inderdaad een sluiting van
alle kernreactoren in België tussen 2010 en 2020, dat wil zeggen
10 jaar vroeger dan voorzien door de wet op de kernuitstap van 2003.
Dit alles is mogelijk op voorwaarde dat tegen 2050 40%
van onze energie afkomstig is uit hernieuwbare energie en dat het
energieverbruik met de helft wordt verminderd.
Voor de elektriciteitssector zou het aandeel aan hernieuwbare energie
moeten worden verhoogd tot 65%.
Dit
rapport toont dus aan dat een snelle uitstap uit de kernenergie (in
combinatie met het afstappen van steenkool) volledig te verzoenen
valt met ambitieuze klimaatdoelstellingen. Onze bevoorrading blijkt
daarbij trouwens helemaal niet in het gedrang te komen, aangezien er
sinds 2003 al plannen voor alternatieve productie zijn uitgevoerd of
in uitvoering zijn.