Op internationaal vlak moeten er engagementen komen voor de periode na het Kyotoprotocol. De Europese Unie moet zich tot doel stellen de uitstoot van broeikasgassen met 30% verminderen tegen 2020 en zijn ambities op het vlak van hernieuwbare energie en energie-efficiëntie waarmaken. Ook België moet zich ambitieus opstellen duidelijke doelstellingen formuleren op middellange en lange termijn met betrekking tot de uitstoot van broeikasgassen, hernieuwbare energie en efficiënt energieverbruik onder de bevoegdheid van een klimaatminister.
Het
is de hoogste tijd dat de internationale
gemeenschap
verbintenissen aangaat voor de periode na het Kyotoprotocol. De
geïndustrialiseerde landen die het protocol hebben ondertekend,
moeten doelstellingen vastleggen om hun uitstoot van broeikasgassen
in de periode 2013-2017 te reduceren met 18% (in vergelijking met
1990) en in de periode 2018-2022 met 30% (eveneens in vergelijking
met 1990).
De
Europese Unie
moet zich tot doel stellen om de uitstoot van broeikasgassen tegen
2020 met minstens 30% te verminderen. Momenteel ligt die doelstelling
maar op ten minste 20%, eventueel te verhogen tot 30% indien andere
geïndustrialiseerde landen ook voor een even grote reductie
kiezen.
De
Unie
zal in de komende maanden ook een richtlijn moeten uitwerken met
betrekking tot hernieuwbare energie. Die richtlijn zou moeten
overeenstemmen met de conclusies van de Europese top van maart 2007
die heeft beslist dat 20% van de energie in Europa
tegen 2020 afkomstig moet zijn van hernieuwbare bronnen.
Op
het vlak van efficiënt
energieverbruik stelt de Unie zich tot doel om 20% energie
te besparen tegen 2020 (in vergelijking met een referentiescenario). In dit
verband verplicht een Europese richtlijn (met betrekking tot 'Energie-efficiëntie bij het eindgebruik en energiediensten')
de lidstaten om een nationaal actieplan op te stellen dat aangeeft
hoe zij hun energieverbruik tussen 2008 en 2016 met 1% per jaar
zullen verminderen. De Europese Commissie onderzoekt momenteel de
voorliggende voorstellen van actieplannen. In de transportsector moet
de efficiëntie van de voertuigen ook sterk verbeteren. De Unie
gaat de komende maanden regelgeving ter zake voorstellen. Greenpeace
pleit voor een dwingende Europese regelgeving die de gemiddelde
uitstoot van wagens vastlegt op 120g CO2
per km tegen 2012 en op 80g CO2
per km tegen 2020. Lees meer over onze eisen in het kader
van de transportcampagne
België moet duidelijke doelstellingen formuleren op middellange en
lange termijn met betrekking tot de uitstoot van broeikasgassen,
hernieuwbare energie
en efficiënt energieverbruik. Greenpeace
vraagt dat België zich tot doel stelt om de uitstoot van
broeikasgassen tegen 2050 met 80% te verminderen en tegen 2020 met
30%. Bovendien moet in 2020 ten minste 15% van de energie die in
België wordt geproduceerd, afkomstig zijn uit hernieuwbare
bronnen en op het vlak van efficiënt energieverbruik moet tegen
2020 ook 20% energie worden bespaard. Concreet
moeten er snel maatregelen komen op het vlak van energie-efficiëntie,
zoals bijvoorbeeld een verbod op de energieverslindende gloeilampen. Lees meer over onze campagne tegen gloeilampen op www.weerdepeer.be
Greenpeace
meent dat deze verschillende materies onder de bevoegdheid moeten
komen van één enkele federale minister voor Klimaat of
voor Duurzame Ontwikkeling, die bevoegd is voor het beleid op het
vlak van leefmilieu, energie en mobiliteit. Ten slotte is het ook van
cruciaal belang dat de nieuwe regering de wet op de uitstap uit de
kernenergie niet in vraag stelt. Die wet voorziet de geleidelijke
sluiting van de reactoren voorziet tussen 2015 en 2025. De verlenging
van de levensduur van de kerncentrales zou investeringen op het vlak
van hernieuwbare energiebronnen en energie-efficiëntie
ontmoedigen. En dat zou een slechte zaak zijn voor het klimaat. Lees meer over de campagne in verband met kernenergie
Alle eisen van Greenpeace aan het adres van de toekomstige regering en de beloften
die de partijen voor de verkiezingen hebben gedaan leest u op www.greenpeace.org/verkiezingen07