Skip navigation.

Op aandringen van de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds werd in Kameroen in 1994 een nieuwe boswetgeving goedgekeurd. Meer dan tien jaar na die hervorming is het grootste deel van het zogenaamd 'productieve' woud bestemd voor de industriële houtkap, maar de bijdrage die deze sector levert aan de bestrijding van de armoede, is nog altijd verwaarloosbaar klein. In de exploitatiegebieden blijft de armoede heel hoog en de basisinfrastructuur (wegen, scholen, sanitaire voorzieningen, ...) verkeert vaak in een erbarmelijke staat

    




Ondanks de voorziene maatregelen wordt de Kameroense bosbouwsector nog altijd gekenmerkt door een gebrek aan transparantie, door corruptie en straffeloosheid. Wat in Kameroen 'bosbeheer' wordt genoemd, komt in werkelijkheid neer op een vorm van gelegaliseerde bosvernietiging.

Een van de redenen voor deze mislukking is dat de plaatselijke bevolking geen landrechten heeft. De mensen zijn eenvoudigweg onteigend door de staat! Bovendien zijn heel veel concessies op illegale wijze toegekend en heel wat bedrijven ontginnen het woud zonder dat zij beschikken over een bosbeheerplan dat is goedgekeurd door de overheid.

In Kameroen heeft de industriële houtkap weinig bijgedragen aan ontwikkeling en duurzaam bosbeheer. Dit verwoestende ontwikkelingsmodel moet dringend plaatsmaken voor duurzame activiteiten, die inkomsten kunnen opleveren voor de staat en die tegelijk ten gunste komen van de plaatselijke bevolking