Skip navigation.

Warmtepompen maken gebruik van warmte uit de omgeving, aanwezig in de lucht, in de bodem of in het grondwater. Omdat de temperatuur van de omgeving lager is dan de gewenste temperatuur in de woning moet die warmte op een hoger temperatuursniveau worden getild, of ‘opgepompt’. Het principe is zoals in een koelkast: om de temperatuur binnen in de ijskast laag te houden moeten we er warmte weghalen.

Die warmte wordt bij lage temperatuur binnen in de koelkast weggehaald en afgegeven in de keuken die op hogere temperatuur staat. Bij een warmtepomp is het ons om de warmteafgifte te doen. We halen de warmte uit de omgeving en geven ze in de woning af op hogere temperatuur. De energie die nodig is voor dat oppompen is veel kleiner dan de totale afgegeven nuttig energie. Praktisch gesproken levert elke kWh die de warmtepomp verbruikt 3 tot 4 kWh nuttige energie op, de rest is uit de omgeving afkomstig. We spreken over een winstfactor of COP (Coëfficiënt of Performance) van 3 tot 4; hoe hoger deze factor, hoe beter. Voor het bekomen van een hoge winstfactor zijn volgende elementen van belang:

  • De gratis warmtebron moet een zo hoog mogelijke temperatuur hebben:
    • Buitenlucht is meestal te koud om een goede winstfactor te bekomen
    • De bodem onder onze voeten heeft een redelijk gelijkmatige temperatuur van ongeveer 10 °C. Met een buizennet in de grond, waardoor een vloeistof stroomt, kunnen we die warmte opnemen. Dit kan een horizontaal captatienet zijn, op 60 tot 150 cm diepte, of een vertikaal captatienet, via een boring tot 30 – 50 meter in de bodem.
    • Grondwater bezit een temperatuur van 10 tot 15 °C, afhankelijk van de diepte. Dit water wordt via en boring (50 tot 150 meter diep) en een pomp opgepompt, de warmte wordt er aan onttrokken en het grondwater wordt terug in de bodem gebracht. Dit laatste is zeer belangrijk omdat we dat grondwater niet mogen verspillen.
  • De warmteafgifte in de woning moet gebeuren op een zo laag mogelijke temperatuur, daardoor komen we automatisch bij vloer- of wandverwarming terecht.

Een warmtepomp verbruikt elektrische energie, een hoogwaardige en dure energiedrager, een hoge winstfactor is daaromessentieel om deze methode van verwarming zinvol te maken. De investering ligt ook hoger dan klassieke verwarmingsmethoden, meestal is een warmtepomp slechts zinvol voor wat hogere vermogens: een laag energiewoning van normale afmetingen komt daar niet voor in aanmerking. Hou ook rekening met de noodzaak van vloerverwarming, waarbij de warmtepomp vooral ’s nachts zal draaien en de warmte bufferen in de gebouwmassa. De betaalbaarheid is immers afhankelijk van het aandeel nachttarief / dagtarief.