Deze pagina is geprint van de Greenpeace Belgium website.
Groene stroom? Uw leverancier getest
De werking van groene elektriciteit in België
Wat is volgens Greenpeace groene elektriciteit?
De meest algemeen aangenomen definitie van groene elektriciteit is elektriciteit die is geproduceerd op basis van hernieuwbare energiebronnen. In de praktijk sluit dit dus de productie van elektriciteit uit op basis van fossiele brandstoffen en van kernenergie. Maar in zijn klassement hanteert Greenpeace een ingewikkelder definitie. Sommige bronnen van elektriciteit zijn wel hernieuwbaar maar niet duurzaam. Daarom geven wij bepaalde biomassa zoals palmolie een negatieve score in onze beoordeling. De productie van palmolie, zelfs al is die gecertificeerd (bijvoorbeeld via de RSPO), is immers verantwoordelijk voor een groot deel van de ontbossing in landen als Indonesië. Zoiets beschouwen wij dus niet als groene energie.
Is de stroom uit mijn stopcontact groen als ik een groen contract heb?
De elektriciteit die uit een stopcontact komt, is dezelfde voor iedereen, ongeacht het contract of de leverancier die u van stroom voorziet. Alle producenten stoppen hun elektriciteit in één en hetzelfde net. In België bedraagt de hoeveelheid groene elektriciteit, dat wil zeggen op basis van hernieuwbare energie, naar schatting ongeveer 6%.
Heb ik met een groen contract de garantie dat ik meewerk aan de productie van groene stroom?
Het afsluiten van een groen contract garandeert u hoogstens dat één of twee euro van uw totale factuur werkelijk naar een groene productie gaat (voor een gemiddeld gezin met een verbruik van 3.500 Kwh). De keuze voor zo een contract levert dus vrijwel geen bijdrage aan de productie van groene elektriciteit. Een consument kan alleen zeker kan zijn dat zijn geld in grotere mate dient om dit type van duurzame productie te financieren, als hij zijn geld uitgeeft aan een duurzame leverancier.
Ik heb een groen contract ondertekend bij een leverancier die een slechte score krijgt in het klassement van Greenpeace/Test-Aankoop. Moet ik van leverancier veranderen?
Ja. Indien u wilt dat het geld dat u aan uw leverancier betaalt, minder wordt gebruikt voor de productie van vervuilende elektriciteit, moet u een contract aangaan met een leverancier die de best mogelijke score krijgt in het klassement van Greenpeace/Test-Aankoop. Indien u evenwel niet wenst van leverancier te veranderen, is het nog altijd beter een groen contract af te sluiten. Dat geeft uw leverancier de informatie dat zijn klanten duurzamer energie willen verbruiken.
Methodologie van het klassement
Waarom worden de productie en de investeringen op Europees vlak bekeken?
- Economisch gesproken is er de voorbije jaren binnen de grote Europese groepen een hergroepering geweest van de spelers op het vlak van energie. De Belgische markt ontsnapt daar niet aan. Een duidelijk teken van die evolutie is dat de vier grootste Belgische leveranciers de voorbije jaren zijn overgekocht door Europese giganten van de elektriciteitsproductie (Electrabel door GDF Suez; Luminus door EDF; Nuon door Vattenfall en Essent door RWE).
- De financiële stromen binnen die Europese energiegroepen houden geen rekening met de Belgische grens. Als we de vraag stellen of het geld van de consumenten naar een duurzame elektriciteitsproductie gaat, konden we in ons klassement dus niet alleen kijken naar de investeringen en de productie van die groepen op ons grondgebied.
- Technisch gezien heeft er een integratie van het Europese elektriciteitsnet plaats, met een verveelvoudiging van hoogspanningsleidingen die de Europese landen met elkaar verbinden en een verdichting van dat net.
- Uiteindelijk zal de energie[R]evolutie enkel kunnen plaatshebben op een geïntegreerde Europese markt. Alleen tegen die prijs zullen we kunnen komen tot 100% groene elektriciteit voor het continent. Schematisch gezien moet onze windmolencapaciteit in de Noordzee een tekort aan productie van zonne-energie in Zuid-Europa kunnen opvangen en omgekeerd.
Volgens uw methodologie zou een producent die investeert in een windmolen een maximale score krijgen voor de helft van de toegekende punten, namelijk die voor investeringen… Is dat niet oneerlijk?
Om dat te vermijden hebben we in onze berekening een variabele ingevoerd. Het onderdeel ‘investeringen’ omvat immers ook gedeeltelijk de huidige productie. Als de investeringen erg zwak zijn in verhouding tot de huidige productie van het bedrijf, zal die productie meer plaats innemen in de beoordeling. Met andere woorden: de plaats voor investeringen in de uiteindelijke score varieert afhankelijk van het aantal investeringen.
Vragen over het resultaat van het klassement en over de leveranciers
Waarom staan de belangrijkste elektriciteitsproducenten (op het vlak van hoeveelheid) op de laatste plaatsen in het klassement?
Momenteel lijken de grote historische Europese producenten die actief zijn op de Belgische markten via Electrabel (GDF-Suez), Luminus (EDF), Nuon (Vattenfall) en Essent (RWE) nog altijd niet te beseffen hoe groot de uitdagingen zijn op het gebied van energie. Als we hun investeringsplannen op lange termijn bekijken, stellen we vast dat hernieuwbare energie wel een centrale plaats inneemt in de toekomstige investeringen van die groepen, maar dat zij toch massaal blijven investeren in vervuilende productiemiddelen. Eenvoudig gezegd: die grote groepen willen niet al hun eieren in dezelfde mand leggen zolang zij niet zeker zijn dat er een echte politieke wil bestaat om de pagina van fossiele brandstoffen en kernenergie om te slaan. Het is ook de taak van de consumenten om hen op hun verantwoordelijkheid te wijzen.
Klopt het dat er niet aan de vraag zou kunnen worden voldaan als iedereen zou beslissen om zich tot een kleine leverancier te wenden?
Dat klopt. Indien alle Belgische consumenten morgen zouden beslissen om ons klassement te volgen en over te stappen op echt groene leveranciers, zouden die niet in staat zijn om aan de vraag te voldoen. Maar het zou wel een signaal zijn aan zowel de andere producenten, die dringend hun beleid op het vlak van elektriciteitsproductie zouden moeten veranderen, als aan de politici.
Electrabel deelt mee dat 100% van zijn labels van garantie van oorsprong (LGO’s) voor het labellen van zijn contract Electrabel groen + afkomstig zijn uit België. Is dat niet positief?
Electrabel biedt maar één enkel groen contract aan dat – volgens het bedrijf – voor 100% wordt gedekt door Belgische labels van garantie van oorsprong. Andere bedrijven zijn dezelfde weg ingeslagen. Daardoor stappen zij voor een deel uit het systeem van de Europese LGO’s dat wij aanklagen.
De zwakke score van Electrabel/GDF Suez wijst erop dat het beleid van de groep inzake de ontwikkeling van hernieuwbare energie nog te beperkt is. Op korte termijn blijft de groep massaal investeren in gas. En op langere termijn wijzen plannen voor investeringen in EPR-kerncentrales in Frankrijk en Groot-Brittannië op een heel negatieve strategische koers. De investeringen van de groep in hernieuwbare energie zijn nog altijd heel gering, zelfs in vergelijking met de Europese concurrenten. Of een consument binnen de groep Electrabel/GDF Suez een groen contract afsluit of niet, verandert bijna niets aan het feit dat het geld dat hij via zijn contract betaalt voor het overgrote deel naar niet-duurzame elektriciteitscentrales zal gaan
Waarom komen nieuwe leveranciers als Octa + en Eneco niet voor in uw klassement?
Dit jaar zijn er twee nieuwe spelers (Eneco en Octa+) bijgekomen op de Belgische elektriciteitsmarkt. Ze kregen nog geen plaats in ons klassement, dat zich baseert op de productie en investeringen van de leveranciers in 2009. Dat was het laatste volledige jaar waarvoor we betrouwbare cijfers hadden bij het opstellen van het klassement. Deze twee spelers zullen wel opgenomen worden in het volgende klassement dat begin 2013 verschijnt. Hoewel Greenpeace en Test-Aankoop de productie en investeringen van Eneco nog grondig onder loep moeten nemen, zal zijn aandeel in hernieuwbare energie (vooral door zijn offshore windmolenpark) Eneco waarschijnlijk een erg goede plaats in het klassement opleveren. Het resultaat van Octa+ zal afhangen van zijn elektriciteitsaankoop en blijft moeilijk te voorspellen.
Energievisie achter het klassement
Is het mogelijk om hernieuwbare elektriciteit te produceren voor alle consumenten?
Een 100% groene elektriciteitsproductie op Europees niveau is volledig denkbaar en technisch haalbaar. Maar om tot zo een systeem te komen, zal een echte energierevolutie nodig zijn. Greenpeace en EREC (de Europese Raad voor Hernieuwbare Energie) hebben een energiescenario uitgestippeld om dat doel tegen 2050 te bereiken: de energie[R]evolutie. Dat scenario zal er niet van de ene dag op de andere komen. Vandaag worden de beslissingen genomen die bepalend zijn voor de verwezenlijking ervan. Zo is het huidige net dat berust op een gecentraliseerde productie met grote steenkool- of kerncentrales niet voldoende soepel om in te spelen op de eisen van een productie op basis van hernieuwbare bronnen. Het net moet dus worden aangepast. Voor zo een maatschappelijk project heb je moedige politici nodig, die bereid zijn de verantwoordelijkheid te nemen om dit werk aan te vatten. En wij als consumenten moeten hun met name de weg van die politieke moed tonen. Alleen tegen die prijs zullen wij de klimaatcrisis kunnen vermijden waarvoor ons energiesysteem verantwoordelijk is.
Elektriciteit op basis van kernenergie is misschien niet groen, maar is zij niet nodig?
Er zijn verscheidene redenen waarom elektriciteit op basis van kernenergie geen geloofwaardig alternatief kan vormen voor energie uit fossiele brandstoffen. Zo zijn er veiligheidsproblemen, problemen die verband houden met de bevoorrading met kernbrandstof, met het beheer van het afval... Maar kerncentrales zijn vooral incompatibel met een net voor elektriciteitsproductie op basis van hernieuwbare energiebronnen. Hernieuwbare energie heeft immers een flexibel en gedecentraliseerd net nodig, terwijl de productie van kernenergie star verloopt (de centrales kunnen niet snel worden stilgelegd en opnieuw opgestart) en een hypergecentraliseerd net vergt. We zullen dus moeten kiezen tussen één van beide. En die keuze is snel gemaakt, want kernenergie is allesbehalve duurzaam.
Andere Europese landen hebben een beter potentieel voor de ontwikkeling van duurzame energie. Volstaat dat potentieel in België?
België heeft grote capaciteiten voor de ontwikkeling van hernieuwbare energie. Vooral het Kanaal en de Noordzee vormen een ‘windtrechter’ die een sleutelrol zou kunnen spelen bij de ontwikkeling van hernieuwbare energie op Europees niveau. Maar de energietoekomst van ons land zal zich afspelen binnen een geïntegreerde en soepele Europese markt. Een energievoorziening op basis van hernieuwbare bronnen moet bekeken worden binnen een soepel elektriciteitsnet dat gespreid is over een grote geografische oppervlakte als de Europese Unie, waardoor het mogelijk is om een productiedaling in één regio op te vangen met de productie elders op het continent.
Klassement van elektriciteitsleveranciers
