Een piepjonge activiste van Greenpeace houdt al enkele dagen een enorm vrachtschip tegen. De oceaanreus is volgeladen met ijzererts. Waarom doet iemand zoiets?

De 175 meter lange boot stond op het punt om de Braziliaanse haven Sao Luis binnen te varen en zijn ruim vol “ruwijzer” te laden. Ruwijzer ontstaat na de eerste fase van een proces waarbij ijzererts omgezet wordt in ijzer. Door zich vast te ketenen aan het anker kan het vrachtschip de haven niet binnenvaren en kan het geen ruwijzer naar de Verenigde Staten brengen.



Meer dan 48 uur na de aanvang van de actie is de boot nog altijd geblokkeerd. Hiermee wil Greenpeace een einde maken aan een schandaal dat begint in het hart van het regenwoud en eindigt in de showrooms van grote automerken overal ter wereld.   

De link tussen auto's en het Amazonewoud verdient meer uitleg. Het begint allemaal in Carajas, pal in het Amazonewoud. Hier wordt zonder veel scrupules illegaal hout gekapt. De stammen gaan vervolgens naar kampen waar mensen in omstandigheden leven die aan slavernij doen denken. Zij maken er houtskool van.

Deze mensen worden geronseld in dorpen met veel armoede en werkloosheid. Ver verwijderd van hun familie worden ze gegijzeld gehouden, zogezegd omdat ze moeten werken om hun eten en logement terug te betalen. Helemaal wraakroepend is dat ze dikwijls onder plastic slapen en uren aan een stuk werken, zonder enige bescherming.

Enkele kilometers verderop ligt de grootste ijzermijn ter wereld. Om van ijzererts ruwijzer te maken dat ze kunnen vervoeren, gebruiken bedrijven houtskool uit het Amazonewoud. Dat ruwijzer vertrekt vooral naar de VS voor de staalindustrie, die op haar beurt de grondstof voor auto's als BMW, Ford en Mercedes levert. Greenpeace heeft bij de autobouwers navraag gedaan, maar zij wassen hun handen in onschuld.

De ontbossing en slavernij zijn echter niet de enige misdaden die deze 'ruwijzerindustrie' pleegt. Ze palmt ook geregeld gronden in die toebehoren aan de inheemse bevolking of die in beschermde reservaten liggen. De Awa-Guaja, een inheemse bevolkingsgroep van 350 tot 400 mensen, is een van de laatste nomadische volkeren die geïsoleerd van de buitenwereld leven en die voor hun levensonderhoud volledig afhankelijk zijn van het regenwoud.

Toch worden ze bedreigd door de houtkappers die hun woongebied binnendringen, hun bomen kappen en hun huizen platbranden. Meer dan 30 procent van het bos waarin de Awa leven, is reeds gedegradeerd door bosontginning.

Het natuurreservaat Gurupi is een van de laatste intact gebleven zones in het gebied. Naast enkele zeer bedreigde aap- en vogelsoorten leven er ook jaguars. Een recente studie wijst uit dat 70 tot 80 procent van het reservaat door bosontginning is aangetast. 

Lees er alles over in het nieuwe rapport van Greenpeace.

Het schandaal van de ruwijzerindustrie komt aan de oppervlakte op het moment dat de Braziliaanse president Dilma Rousseff zich beraadt over de hervorming van de boswet. Ze heeft nog tot 25 mei om haar veto te stellen. Zal ze het hele voorstel van tafel vegen, zoals steeds meer burgers, advocaten, staatshoofden, verenigingen en wetenschappers wereldwijd eisen?

Het is nog niet te laat om te reageren. Vraag aan je kennissen om Dilma te schrijven.