Vanaf volgende week zijn alle blikken gericht op Doha, voor de jaarlijkse VN-klimaattop. Het spreekwoordelijke huis mag dan in brand staan, onze brandweerlui lijken geen haast te hebben om uit te rukken. Hier volgt een stand van zaken voor een nieuwe ronde onderhandelingen.

Geen vuur zonder rook
De dreiging begint concrete vormen aan te nemen. Zo blijkt ook uit het laatste rapport van het IPCC, de internationale groep van klimaatexperts. Daarin wordt duidelijk het verband gelegd tussen de frequentie van extreme weerfenomenen (zoals tornado’s en droogte) en de door de mens veroorzaakte klimaatverandering. Zo komt het dat de tropische storm Sandy die over New York raasde - nochtans geen tropisch gebied - binnenkort niets uitzonderlijks zal zijn.

PricewaterhouseCoopers, het internationale auditbedrijf dat niet bepaald nauwe banden heeft met de milieubeweging, zegt in een nieuw rapport dat het al te laat is om de stijging van de temperatuur op aarde te beperken tot 2°C, en dat we zelfs op 5°C afstevenen.
 

Drie jaar extra
Het is duidelijk dat we allemaal onze gewoontes zullen moeten aanpassen en dat we ook goed met onze buren moeten samenwerken om de krachten te bundelen. En dat is meteen een van de bestaansredenen van de jaarlijkse gesprekken over het klimaat. Dus komen de onderhandelaars opnieuw samen, in Kopenhagen, daarna in Cancun en Durban en nu dus in Doha.

Wat hebben de partijen aan tafel gemeenschappelijk? Allemaal stoten ze broeikasgassen uit: de ene heeft een historisch hoge uitstoot (Europese Unie, Verenigde Staten), andere hebben een groeiende uitstoot (China, Indië). Ook de slachtoffers vergaderen mee: landen met veel woestijnen of overstromingsgebied (de Sahellanden, de Malediven) of arme landen (grote gebieden van Afrika) die simpelweg te arm zijn om het hoofd te bieden aan de klimaatdreiging.
 

Allemaal moeten ze een gemeenschappelijk belang nastreven: de opwarming van de aarde onder de 2°C houden. We zijn nog erg ver van dit doel af. Het bindende akkoord dat daarvoor nodig is, is er nog steeds niet. Vorig jaar gaven de onderhandelaars zichzelf drie jaar extra om de tekst af te ronden.

Van Kyoto 1 naar Kyoto 2
Allereerst moet in Doha het enige internationale instrument, het befaamde Kyotoprotocol, een vervolg krijgen. Op 1 januari 2013 loopt dit verdrag af. ‘Kyoto 2’ zal geen mirakeloplossing bieden. Er zijn weinig deelnemers (EU, Noorwegen, Zwitserland en sinds kort ook Australië). Bovendien gaan hun engagementen niet verder dan wat er nu op tafel ligt. Een voorbeeld: de EU zou zich tevreden kunnen stellen met een nieuwe reductiedoelstelling van min 20%, dat is een de doelstelling die al in 2007 werd bepaald! Om maar te zeggen dat het klimaat niet gered zal worden in Doha.

Bovendien dreigen deze ontoereikende doelstellingen nog verzwakt te worden door een ander probleem: het overschot aan CO2-rechten. Elk land krijgt een aantal rechten dat overeenkomt met een beperkte hoeveelheid CO2 die ze mogen uitstoten. Maar die kredieten werden iets te kwistig uitgedeeld tijdens de periode tot 2012. Er zijn dus overschotten, voornamelijk in Oost-Europa en Rusland. Het is van vitaal belang dat deze overschotten geschrapt worden.

Kyoto 2 is erg belangrijk omdat het een soort labo is om de mechanismen te testen die opgenomen zullen worden in het toekomstige verdrag, dat in 2015 zal gestemd worden. De fouten van de voorganger moeten dus vermeden worden en daarom moeten er heel wat correcties doorgevoerd worden. Zo moeten staten die hun verplichtingen niet nakomen, gestraft worden. Tijdens Kyoto 1 kwam Canada zijn engagementen niet na en kwam daar toch mee weg. Dit soort toestanden moet uit het toekomstige verdrag geweerd worden.

VS en China
Op langere termijn dan Kyoto, moeten alle blikken gericht worden op het toekomstige klimaatverdrag van 2015. Daarvoor is nog veel werk aan de winkel. Het floppen van de top van 2009 in Kopenhagen is onder andere te wijten aan onvoldoende voorbereidingswerk. Deze fouten mogen we niet opnieuw maken.

De onderhandelaars en waarnemers kijken natuurlijk uit naar de rol van Obama en zijn Chinese collega, Xi Jinping. Gaan zij hun schouders zetten onder de bescherming van het klimaat? Door hun uitstoot voldoende naar beneden te halen? De verklaringen van de pas herkozen president van de VS brengen een sprankeltje hoop voor het klimaatbeleid tijdens zijn tweede mandaat. In China is het uitbouwen van een economie die minder afhankelijk is van fossiele bronnen al onderdeel van een vijfjarenplan.

Bij het doornemen van de agenda valt het vooral op hoe abstract het programma van de onderhandelingen is geworden. Zeker als je bedenkt dat deze gesprekken in het leven geroepen werden om vlugger de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en de inspanningen van de verschillende landen beter af te stemmen. Het wordt tijd dat de ministers die naar Doha gaan opnieuw focussen op dit eenvoudige uitgangspunt.

Lees hier de klimaatdoelstellingen van Greenpeace.