Er circuleren weer nieuwsberichten over een uitgelekt IPCC-document dat drie grote klimaatrapporten samenvat. Deze samenvatting voor beleidsmakers zal eind november officieel worden voorgesteld, maar de conclusie van het 5000 pagina’s tellende document is er een die de meesten van ons goed kennen, en sommigen bewust negeren: de klimaatverandering is bezig en zal nog verder uitgroeien tot een enorme bedreiging voor ons en de generaties die na ons komen. De planeet gaat rampzalige veranderingen doormaken, als we niet snel en drastisch de CO2-uitstoot afbouwen en fossiele brandstoffen vervangen door hernieuwbare energiebronnen.

De klimaatverandering lijkt complex en ongrijpbaar. Maar uiteindelijk is het erg simpel: het verbranding van olie, steenkool en gas is verantwoordelijk voor het grootste aandeel broeikasgassen in de atmosfeer. Om onszelf te redden, moeten we dus in de eerste plaats deze brandstoffen laten zitten in de bodem. Onmiddellijke actie betekent ook een einde maken aan ontbossing, en andere plaatsen waar koolstof ligt opgeslagen intact laten.

We hebben de sleutel in handen. Elke dag dat we het gebruik van fossiele brandstoffen toelaten - er liggen overal plannen op tafel voor de bouw van nieuwe steenkoolmijnen en het aanboren van nieuwe olievoorraden – zijn we deel van het probleem. Elke dag dat we de oude en vervuilende technologie in vraag stellen, en een schone en veilige energievoorziening eisen, zijn we deel van de oplossing. De roep om verandering verspreidt als een lopend vuurtje over de wereld, van China tot de VS.

Nu regeringen zich voorbereiden voor een nieuw globaal klimaatakkoord, dat in december 2015 in Parijs ondertekend moet worden, woedt de strijd tegen de klimaatverandering in de hoofdsteden. Daar worden immers beslissingen genomen om steenkool te gebruiken en naar olie te boren. Er wordt een veldslag gewonnen wanneer onze politici doelstellingen stellen voor hernieuwbare energie en schone lucht, of maatregelen nemen om de CO2-uitstoot terug te dringen. Maar alleen als landen beseffen welke nationale belangen ze hebben bij verandering, kunnen we een doorbraak verwachten aan de internationale onderhandelingstafel.

Het goede nieuws is dat klimaatverandering vandaag weer hoog op de politieke agenda staat van de wereldleiders. De VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon belegt een klimaattop voor staatshoofden op 23 september in New York. Hij wil een politiek momentum creëren om de internationale samenwerking nieuw leven in te blazen. In het beste geval zullen groeilanden daar een nieuw soort leiderschap tonen. China bijvoorbeeld heeft recent een aantal radicale beleidskeuzes gemaakt om het gebruik van steenkool aan banden te leggen en hernieuwbare energie te stimuleren. Maar de nieuwe grootmacht vertaalt zijn binnenlandse actie nog niet in leiderschap op het wereldtoneel. 
En niet alleen in China valt het gebruik van steenkool eindelijk terug, ook in de VS is het tij aan het keren. Op dit vlak zouden de twee grootste vervuilers ter wereld elkaar kunnen vinden in New York.

Maar waar zijn de Europese leiders in dit verhaal? In het verleden hebben zij het voortouw genomen in de strijd tegen de klimaatverandering. Laten ze de VS en China klimaatakkoorden sluiten op het hoogste niveau, zonder hen? De Duitse bondskanselier Angela Merkel is van plan de top over te slaan, terwijl de Britse premier David Cameron zijn deelname nog niet bevestigd heeft. Zijn ze misschien beschaamd over de zwakke reductiedoelstellingen tegen 2030 die de EU in oktober wil goedkeuren? Het is nog niet te laat, maar dan moeten ze hun huiswerk maken en naar New York afzakken.

Nergens ter wereld loopt het zo’n vaart met de opwarming van de aarde als op de Noordpool. Greenpeace zal dit jaar opnieuw getuige zijn van het smeltende zee-ijs in deze unieke maar kwetsbare uithoek van de wereld, om een boodschap te geven aan de wereldleiders en de miljoenen Noordpoolbeschermers. En we zullen ook deelnemen aan een grote klimaatmars in New York, op 21 september. Wordt vervolgd.