Enkele dagen geleden publiceerden de diensten van de Franse eerste minister een beleidsnota met de titel “Doha, Warschau, conferenties die de overgang moeten verzekeren naar een wereldwijd klimaatakkoord in 2015!". Die titel geeft goed het algemene gevoel weer dat er heerst voor de jaarlijkse klimaatconferentie die vandaag van start gaat in Warschau. 

De klimaatcrisis zal immers niet in Polen worden opgelost... De staten gaan in Warschau onder de vlag van de Verenigde Naties ‘werken’ aan een akkoord dat over twee jaar moet worden ondertekend. Is dat alles, zult u vragen? Wel ja, de taak die hen wacht, is immers zo omvangrijk, dat er waarschijnlijk niet veel tijd voor iets anders zal overblijven.

Geen akkoord zonder een vermindering van de CO2-uitstoot

De belangrijkste klip die ze moeten nemen is een drastische herziening van de ambitie om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Zonder ambitie komt er in 2015 geen akkoord! Enkele dagen geleden publiceerde de internationale milieuorganisatie UNEP een update van zijn ‘emission gap report’. Daarin evalueert het VN-agentschap wat er nog moet gebeuren om de stijging van de temperatuur te beperken tot +2°C, de kritische drempel die niet mag worden overschreden. Uit de berekeningen van UNEP blijkt dat de mensheid in 2020 nog altijd 8 tot 12 gigaton CO2 te veel zal uitstoten, ook al nemen alle staten op aarde de beloofde maatregelen tot uitstootvermindering. Om u een idee te geven: 12 gigaton is ongeveer de gezamenlijke CO2-uitstoot van de Europese Unie en de Verenigde Staten! 

Hoe de inspanning verdelen: de discussie over eerlijkheid

De allereerste vraag die in Warschau op tafel moet komen, ligt dan ook voor de hand: wie gaat die bijkomende inspanning leveren? Of met andere woorden: hoe kunnen we de inspanning op eerlijke wijze verdelen? 

Over die vraag valt heel moeilijk overeenstemming te bereiken... Aan de ene kant stelt China voor de inspanning vooral te verdelen op basis van de ‘historische verantwoordelijkheid’ - dat wil zeggen in verhouding tot de uitstoot van de verschillende landen sinds het begin van de industriële revolutie. Moreel gezien valt daar iets voor te zeggen. De opwarming die we vandaag vaststellen, is immers te wijten aan emissies uit het verleden. Maar er is wel een probleem: met die verdeelsleutel zou de Europese Unie vanaf morgen vrijwel niets meer mogen uitstoten. En de Verenigde Staten zouden gewoon CO2 moeten gaan opslorpen! Kortom: dat verdeelsysteem is niet aanvaardbaar.

Aan de andere kant zouden landen als de Verenigde Staten de inspanning willen verdelen in verhouding tot de huidige uitstoot en prognoses op lange termijn. In dat geval zou China, dat momenteel de grootste uitstoot ter wereld heeft, het leeuwendeel van de inspanning moeten leveren! Dat is uiteraard evenmin aanvaardbaar. Want dan houd je enerzijds geen rekening met het feit dat elke Chinees ongeveer vier keer minder CO2 uitstoot dan een gemiddelde Amerikaan. En anderzijds stoot China al die koolstof vooral uit om onze consumptiegoederen te produceren. Warschau moet dus zoeken naar een tussenoplossing, die de verantwoordelijkheid en de mogelijkheden van iedereen respecteert. 

De negatieve spiraal doorbreken in Warschau

Het is dus meer dan ooit nodig om een eind te maken aan het spelletje waarbij iedereen een beschuldigende vinger uitsteekt naar de anderen. Anders zal er in 2015 in Parijs nooit een akkoord kunnen komen. 

De Europese Unie zou heel goed de eerste stap kunnen zetten, ook al omdat zij vanuit economisch oogpunt een goede troefkaart in handen heeft. Zoals de Europese Commissie aantoonde in haar ‘koolstofarm scenario’ biedt de strijd tegen de klimaatverandering voor ons ook de kans om de economische crisis te boven te komen. Evenwel op één enkele voorwaarde: de EU moet een duidelijke politieke koers kiezen en de leiding nemen op het vlak van hernieuwbare energie en efficiënt energieverbruik. 

De komende maanden zal de Europese Unie verscheidene keren vergaderen om haar klimaatambitie tegen 2030 te bepalen. Om tegelijk de aanbevelingen van de wetenschappers op te volgen en te voldoen aan het principe van een eerlijke verdeling van de inspanning, zou de EU haar uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 met 55% moeten verlagen in vergelijking met 1990.

Eén ding is zeker: de staten moeten gebruik maken van deze klimaatconferentie in Warschau om het debat te voeren en een ambitieus scenario uit te werken. Hoe kan men de ambitie van de staten die het meest vervuilen verhogen? Zonder ambitieus en geloofwaardig scenario zou de conferentie van Parijs in 2015 wel eens opnieuw kunnen mislukken... In dat geval zitten we allemaal in het verliezende kamp.