Na twaalf dagen blijft het moeilijk te vatten hoe zwaar Japan getroffen is door de rampen van 11 maart. Van kinderen die hun ouders verloren tijdens de aardbeving, over mensen wier geliefden nog steeds vermist zijn, tot de vele arbeiders die hun gezondheid op het spel zetten in een poging om de toestand in de kerncentrale van Fukushima te stabiliseren. Er komt geen einde aan de dramatische verhalen.

Naast het verdriet en de empathie die ik voel voor de Japanners, welt er en nieuwe emotie in mij op. En dat is woede. Terwijl we uitkijken naar goed nieuws uit Fukushima – in de hoop dat radioactieve lekken vermeden worden en dat het Japanse volk bespaard blijft van nog meer ellende – blijven regeringen van over de hele wereld investeringen in kernenergie promoten. Vorige week bijvoorbeeld kondigde mijn geboorteland Zuid-Afrika een bijkomende 9600 megawatt nucleaire energie aan.

Twee zeer gevaarlijke veronderstellingen duiken op tijdens deze voortschrijdende nucleaire crisis. De eerste is dat kernenergie veilig is. De tweede is dat kernenergie een onmisbaar deel uitmaakt van een koolstofarme toekomst, die we nodig hebben om een klimaatcrisis af te wenden. Beide beweringen zijn fout.

Systeem schiet tekort

Nucleaire technologie zal altijd kwetsbaar zijn voor menselijke fouten, natuurrampen, technologisch falen of terroristische aanvallen. Wat we nu in Fukushima zien, is het systeem dat tekortschiet. De reactoren zelf bleven ongeschonden tijdens de tsunami en de aardbeving, maar daarna begaven de vitale koelsystemen het. Toen ook de back-upsystemen het lieten afweten, geraakten de reactors oververhit waardoor er radioactiviteit vrijkwam. Dit is slechts een voorbeeld van wat er fout kan lopen.

Kernenergie is inherent onveilig. De lijst van mogelijke ziektes door blootstelling aan straling is schrikwekkend: genetische mutatie, geboorteafwijkingen, kanker, leukemie, hartaandoeningen en problemen met voortplanting, afweer en klieren.

We hebben allemaal gehoord over Tsjernobyl en Three Mile Island. Toch wil de nucleaire industrie ons laten geloven dat het gaat om geïsoleerde incididenten in een voor de rest smetteloos verhaal. Dit is onwaar. Meer dan 800 andere belangwekkende incidenten zijn officieel gemeld bij het Internationaal Atoomagenschap. Mayak, Tokaimura, Bohunice, Forsmark, om er enkele op te noemen. Greenpeace en de European Renewable Energy Council hebben samen een studie, de “Energy [R]evolution” uitgebracht. Dit onderzoek toont duidelijk aan dat de weg naar schone energie goedkoper en gezonder is, met snellere resultaten voor het klimaat dan eender welke andere optie. Dit plan beschrijft de uitfasering van bestaande reactoren over heel de wereld en een stop op de bouw van nieuwe commerciële reactors.

Bovendien benadrukt ook een recente studie van het conservatieve Internationale Atoomagentschap dat we geen nucleaire energie nodig hebben om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Deze publicatie bewijst dat zelfs als de bestaande nucleaire capaciteit tegen 2050 zou verviervoudigen, het aandeel van kernenergie wereldwijd nog onder de 10 procent zal blijven. Daarmee zou de CO2-uitstoot met niet meer dan 4 procent dalen. Als het zelfde bedrag zou geïnvesteerd worden in schone, hernieuwbare bronnen zoals wind- en zonne-energie, zou dit een veel grotere impact hebben op het afremmen van de klimaatopwarming.

Betere beschermingsmaatregelen

Nucleaire energie is een dure en gevaarlijke afleiding van de echte oplossingen. Hernieuwbare energiebronnen zorgen niet voor internationale conflicten (ik denk hierbij aan Libië), ze geraken niet uitgeput en er zijn nooit lekken. Er zijn initiële investeringen nodig, maar met de tijd zal de prijs van hernieuwbare energie zakken door technologische vooruitgang en concurrentie. Bovendien kan een groene energietoekomst, zonder kernenergie en fossiele bronnen, een hoop nieuwe, veilige banen scheppen.

Nu Greenpeace samen met het Japanse Citizens Nuclear Information Center de overheden oproept om te zorgen voor betere evacuatieplannen en beschermingsmaatregelen voor mensen die zich nog in de 30-kilometerzone rond Fukushima bevinden. Nu de bezorgdheid over besmetting van water en voedsel steeds groter wordt. Nu overal ter wereld jodiumpillen uitverkocht geraken en mensen ver buiten Japan ongerust zijn over radioactieve wolken, is het onze plicht als wereldburgers om onze stem laten horen tegen verdere investeringen in kernenergie. We hebben nu een schone energierevolutie nodig.

Dit opiniestuk van Kumi Naidoo, algemeen directeur van Greenpeace International, verscheen vorige week in de krant The New York Times. Afgelopen weekend stond het ook in de krant De Tijd.