De krant De Morgen hing de kat de bel al aan met een groot artikel op 6 april (hier kan je de online versie lezen). Het Belgisch baggerbedrijf Jan De Nul, dat behoort tot het kransje van grote internationale baggeraars, zal meewerken aan de bouw van de Sabetta-haven op het Jamal-schiereiland, in het Russische noordpoolgebied.

De Russische autoriteiten hebben Jan De Nul ingehuurd voor het uitbaggeren van een vaargeul voor deze nieuwe haven. President Poetin en de zijnen willen in de Golf van Ob een van de grootste havens van het noordpoolgebied aanleggen. De Sabetta-haven moet dienen als draaischijf van het transport van gas en op termijn ook olie uit de Noordelijke IJszee.

Jan De Nul diende bovendien een aanvraag in bij Delcredere, de overheidsdienst die projecten van Belgische bedrijven in het buitenland verzekert tegen commerciële en politieke
risico’s. Als Delcredere aan Jan De Nul zo'n exportkredietverzekering toekent, staat de Belgische overheid borg voor de bijdrage van het bedrijf aan de bouw van deze controversiële haven. Hierover valt allicht in de loop van mei of juni een beslissing.

Hotspot

Het Russisch noordpoolgebied wordt steeds meer een hotspot voor oliebedrijven, nu ook Shell en Gazprom onlangs een deal sloten om er samen naar olie te gaan zoeken. Inderdaad, hetzelfde Shell dat onlangs met hangende pootjes zijn activiteiten in Alaska 'on hold' moest zetten, wil nu profiteren van de 'flexibilere' houding van de Russische autoriteiten om alvast in dit deel van het noordpoolgebied een graantje mee te pikken.

Actie tegen de Prirazlomnaya, een omstreden boorplatform van Gazprom, augustus 2012.

Dat ze in Rusland flexibeler omgaan met milieuwetgeving bleek deze week nog maar eens. Van onze collega’s bij Greenpeace Rusland leerden we dat de Russische overheid haar eigen milieureglementering wil afzwakken om het dumpen van vervuild baggerslib in Russische wateren toe te staan, terwijl dit tot hiertoe verboden was bij wet. Uitspraken van een overheidsambtenaar maken duidelijk dat de bouw van de Sabetta-haven hiervoor de aanleiding is.

Het verwerken van het slib zou blijkbaar een te grote kost betekenen voor Jan De Nul, en dus ook voor haar opdrachtgever. Nochtans is het dumpen van vervuild baggerslib in het fragiele noordpoolgebied met haar fauna en flora toch wel erg bedenkelijk. Samen met onze Russische collega's stuurden wij president Poetin daarover een brief, met de vraag deze wetswijziging niet goed te keuren.

Strengste milieunormen?

Dit is een opnieuw een illustratie van hoe het milieu moet wijken voor de rush op de grondstoffen in het Russisch noordpoolgebied. Nochtans had Poetin eerder beweerd dat "de strengste milieunormen" zullen worden gehanteerd bij industriële ontwikkelingen in het noordpoolgebied. De recente ontwikkelingen stroken ook niet met het standpunt van baggeraar Jan De Nul, die in een gesprek met Greenpeace verzekerde - zeker in een fragiel gebied als het noordpoolgebied - de strengste milieunormen te zullen hanteren.

Voor ons is het zonneklaar: de bouw van deze haven is een belangrijke stap in de ambities van de Russische president om de grondstoffen onder het poolijs te gaan ontginnen. Wie kijkt naar de vervuiling die de Russische olieindustrie op het vasteland al heeft aangericht, begrijpt dat een milieuramp niet ondenkbaar is. Het gaat niet op daar als Belgisch bedrijf een actieve bijdrage aan te leveren door baggerdiensten te leveren bij de bouw van een belangrijke haven, en tegelijk de kop in het zand te steken. En steun hiervoor van de Belgische overheid is simpelweg onaanvaardbaar.