Druk op Sinar Mas neemt toe

Rondetafel voor Duurzame Palmolie stelt het bedrijf een ultimatum

Nieuwsartikel - 24 september, 2010
De duurzaamheidsclaims van Sinar Mas, de grootste palmolieproducent van Indonesië, krijgen een nieuwe deuk. Recent bleek al uit een onafhankelijke audit dat het bedrijf de Indonesische wet én de regels van de Roundtable on Sustainable Palm Oil (RSPO) met de voeten heeft getreden. Als Sinar Mas geen concrete stappen onderneemt, mag het zich niet langer lid noemen van de RSPO.

Het sectororgaan voor duurzame palmolie dreigt eindelijk met actie tegen Sinar Mas.

Heel wat bedrijven, zoals Unilever en Nestlé, scharen zich achter deze Rondetafel. De RSPO werd in 2001 opgericht om een ethische en ecologische standaard op te zetten voor palmolie. De RSPO-leden vertegenwoordigen maar liefst 40 % van de mondiale palmoliehandel.

De officiële uitbrander van de RSPO bevestigt dat Sinar Mas zijn klanten en aandeelhouders heeft misleid. Het bedrijf houdt vol dat het verantwoordelijk handelt, maar in feite heeft de palmoliereus herhaaldelijk de Indonesische wet en de regels van de RSPO geschonden, maar ook zijn eigen engagementen op het vlak van duurzaamheid met de voeten getreden.

Greenpeace steunt een duurzame palmolie-industrie. Ons onderzoek heeft echter meermaals aangetoond dat Sinar Mas regenwoud en veenmoerassen vernielt in Indonesië. Dat werd bevestigt door een audit die Sinar Mas had besteld om de aantijgingen van Greenpeace te weerleggen.

De Sinar Mas Groep breidt onophoudelijk zijn imperium uit in bosrijke gebieden in Sumatra, Kalimantan en Papoea. Daarmee bedreigt de grootste palmolie- en papierpulpproducent van Indonesië het leefgebied van bedreigde diersoorten als de orang-oetan en de Sumatraanse tijger. Een aantal multinationals hebben daarom reeds hun contracten met Sinar Mas verbroken. Wij hopen dat andere bedrijven, zoals Cargill, het voorbeeld van Unilever, Nestlé en Kraft volgen.

Onderwerpen