Problemen

Pagina - 20 april, 2010
Klimaatverandering is een realiteit. Vandaag is het gemiddeld warmer op aarde dan de voorbije tweeduizend jaar. Als de huidige trend zich voortzet, zal de globale temperatuur tegen het eind van de eeuw waarschijnlijk hoger klimmen dan ooit in de voorbije twee miljoen jaar.

Als de temperatuur op aarde blijft stijgen, zullen watersnood, honger en ondervoeding een dagelijkse realiteit worden in tal van landen.

Het eind van twintigste eeuw was niet noodzakelijk de warmste periode in de wereldgeschiedenis, maar het is uniek dat de temperatuurstijging zich wereldwijd voltrekt en niet kan worden verklaard door natuurlijke processen zoals dat voor eerdere warmere periodes het geval is. Er bestaat een brede wetenschappelijke consensus dat de mensheid in ruime mate verantwoordelijk is voor deze verandering, en dat de keuzes die we vandaag maken, beslissend zijn voor ons klimaat in de toekomst.

Dramatische gevolgen

Tussen nu en het einde van de eeuw kan de temperatuur op aarde in het slechtste geval met 7° C stijgen. Maar zelfs een stijging van 3, 4 of 5 ° C heeft dramatische gevolgen. Kustgebieden en eilanden zullen dan onder de zeespiegel verdwijnen. Watersnood, honger en ondervoeding zullen een dagelijkse realiteit worden in tal van landen. Op het vlak van gezondheid zullen malaria en cholera opflakkeren, en zal de gestegen temperatuur voor een hoger sterftecijfer zorgen. Dit alles zal grote volksverhuizingen teweegbrengen, de ongelijkheid in de wereld nog verscherpen, voor meer spanning zorgen, en conflicten tussen landen en regio's oppoken.

Broeikaseffect

Het klimaat verandert ingrijpend, doordat de aarde te veel opwarmt. Dat noemen we het versterkte broeikaseffect. De oorzaak is duidelijk: ons stijgend energiegebruik. Op zich is er niets mis met broeikasgassen: ze maken het aangenaam warm op aarde. Als een deken liggen ze om de aardbol heen en houden ze de zonnewarmte vast. Zonder die gassen in de atmosfeer zou het hier -18° C zijn! Maar sinds het begin van de industriële revolutie (rond 1800) pompen mensen steeds meer broeikasgassen in de atmosfeer.

Fossiele brandstoffen

Wat heeft het broeikaseffect nu met de industriële revolutie te maken? Na de uitvinding van de stoommachine zijn we begonnen met op grote schaal olie, steenkool en gas te verbranden om energie op te wekken. Op die fossiele brandstoffen draaien onze fabrieken, rijden onze auto’s en stoken onze energiecentrales.

Bij de verbranding van fossiele brandstoffen ontstaat CO2. Dit is meteen het belangrijkste broeikasgas, omdat we er ongelooflijk veel van uitstoten. Daarom gaat het in discussies over klimaatverandering ook bijna altijd over CO2. Als we de uitstoot van dit broeikasgas drastisch kunnen beperken, is het klimaat al half gered.

Daarnaast spelen ook andere broeikasgassen een rol in de opwarming van de aarde. Maar in verhouding stijgt de concentratie CO2 in de atmosfeer veel sneller. Vooral de rijke industrielanden zijn verantwoordelijk voor die stijging. Niet alleen in eigen land, maar ook door de toenemende CO2-uitstoot in landen als China en India. Zij produceren immers vooral voor de westerse markt.

Ontbossing

Ons energieverbruik is wel de belangrijkste oorzaak van klimaatverandering, maar niet de enige. Op een overtuigende tweede plaats staat de wereldwijde ontbossing. Bomen, struiken en planten nemen CO2 op om te groeien. Maar als ze verbranden, afsterven of worden gekapt komt de opgenomen CO2 weer vrij. Zo is ontbossing verantwoordelijk voor een vijfde van de wereldwijde CO2-uitstoot.

In België

Als geïndustrialiseerd land is België verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van de klimaatverandering. Onze levenswijze, grotendeels gebaseerd op de verbranding van fossiele brandstoffen, is de belangrijkste oorzaak van klimaatverandering. Zo stoot een Belg gemiddeld tweemaal zoveel broeikasgassen uit als een Chinees, en tienmaal zoveel als een Afrikaan. Die schatting houdt nog geen rekening met de goederen die we hier consumeren en waarvan de CO2 is verrekend bij de landen die ze produceren.

De belangrijkste sectoren die aan de basis liggen van deze emissies zijn niet de minste: de industrie, de bouw en het wegverkeer. Hoewel de uitstoot lijkt te verminderen voor wat de industrie betreft, blijft ze stijgen in de bouw en rijst ze echt de pan uit in de transportsector.

Onderwerpen