Nederland — Meer dan de helft van afgedankte elektronica in Nederland verdwijnt met onbekende bestemming. Dat blijkt uit onderzoek van adviesbureau CREM in opdracht van Greenpeace Nederland.

Voorkant rapport Bestemming Onbekend, Greenpeace-introductie bij het rapport
‘Een analyse van stromen elektronica-afval in Nederland’

 Zelfs de rijksoverheid maakt zich schuldig aan het ‘wegmaken’
van eigen elektronica-afval door het te verkopen aan handelaren,
terwijl het tegen betaling zou moeten worden aangeboden aan erkende
recyclingbedrijven. Greenpeace verwacht dat het giftige
elektronica-afval van consumenten, bedrijven en de overheid vaak
eindigt in ontwikkelingslanden waar de dump van elektronica zorgt
voor ernstige milieu- en gezondheidsproblemen.

Uit het rapport blijkt volgens Greenpeace dat het huidige
inzamelsysteem voor elektronica-afval niet deugt. Greenpeace eist
dat elektronicaproducenten individueel verantwoordelijk worden
gesteld voor het inzamelen en recyclen van hun eigen producten.

Afval zeer waarschijnlijk gedumpt in ontwikkelingslanden

Het onderzoek richt zich specifiek op bruingoed, zoals
computers, telefoons, printers, televisietoestellen en
geluidsapparatuur, omdat hierin de meeste gevaarlijke chemicaliën
zitten. Uit het onderzoek blijkt dat er per Nederlander gemiddeld
11,5 kilo bruingoed per jaar afgedankt wordt. Toch kan maar van 1,7
kilo met zekerheid worden vastgesteld dat het terechtkomt bij een
erkende verwerker.

Van het merendeel van het elektronica-afval is de bestemming
onbekend, terwijl in ontwikkelingslanden steeds meer
elektronica-afval wordt gedumpt. “Afval van consumenten, het
bedrijfsleven en de ministeries vergiftigt zeer waarschijnlijk de
leefomgeving van arme mensen in Azië en China. In
ontwikkelingslanden zijn de milieuregels veel minder streng en daar
wordt duidelijk misbruik van gemaakt”, aldus Kim Schoppink,
campagneleider giftige stoffen van Greenpeace Nederland.

Inzamelpunten verkopen afval weer door

Een kwart van het afgedankte bruingoed dat de consument voor
recycling inlevert bij winkels of gemeenten, blijkt niet bij een
erkend verwerkingsbedrijf terecht te komen. Sommige inzamelpunten
verkopen het na inname aan handelaren. Daarnaast wordt bijna de
helft van de afgedankte elektronica door consumenten bij het
huisvuil gegooid. Het verdwijnt in de verbrandingsoven waarbij
giftige stoffen vrijkomen.

Zelfs de apparatuur die van overheden afkomstig is, blijkt niet
goed verwerkt te worden. De meeste ministeries geven hun apparatuur
af aan Dienst Domeinen. Deze wist de data door de harde schijf te
vernietigen wat de apparaten reduceert tot afval. De apparaten
worden niet afgegeven aan een erkende verwerker, maar verkocht aan
handelaren. Hiermee wordt de kans op illegale export naar
ontwikkelingslanden aanzienlijk vergroot.

Greenpeace: maak producenten zelf verantwoordelijk

Greenpeace wil dat elektronicaproducenten, zoals de Nederlandse
multinational Philips, zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun
eigen producten. Philips probeert deze verantwoordelijkheid te
ontlopen door bij de overheid te pleiten voor een collectieve
financiële verantwoordelijkheid voor het elektronica-afval.
Bovendien weigert Philips vrijwillige inzamelsystemen op te zetten
in het buitenland. “Philips moet zelf verantwoordelijkheid nemen
voor zijn afgedankte producten zodat deze niet meer gedumpt worden
in arme landen”, aldus Kim Schoppink campagneleider giftige stoffen
bij Greenpeace Nederland.

Greenpeace eist dat de Nederlandse overheid ervoor zorgt dat
producenten individueel verantwoordelijk worden voor het inzamelen
en verwerken van hun eigen afval. Dit stimuleert producenten om
elektronica te ontwerpen zonder gif, dat makkelijk te recyclen
is.