Op 28 januari 2026 kwam het baanbrekende vonnis in de Klimaatzaak Bonaire. Daar oordeelde de rechtbank Den Haag dat het huidige klimaatbeleid onrechtmatig is en mensenrechten schendt, zowel ten aanzien van mitigatie (het voorkomen van opwarming), als adaptatie (het aanpassen aan de gevolgen).

Op beide fronten moet de Staat actie ondernemen. De Staat is tegen de uitspraak in hoger beroep gegaan. Op 15 september start dit hoger beroep formeel, maar het Gerechtshof buigt zich eerst over een schorsingsprocedure die de Staat daarnaast ook heeft aangespannen.

Met het schorsingsverzoek vecht de Staat de verplichting aan om direct het mitigatie-deel uit het vonnis uit te voeren, de zogenaamde ‘uitvoerbaarheid bij voorraad’. De rechtbank oordeelde dat de Staat binnen 18 maanden, dus per 28 juli 2027, nieuwe bindende klimaatdoelen moet opstellen voor de gehele economie, inclusief lucht- en scheepvaart, om zo de Nederlandse uitstoot sneller omlaag te brengen. Dit vonnis moet volgens de rechtbank direct worden uitgevoerd, ook als er een hoger beroep loopt. Door middel van dit schorsingsverzoek wil de Staat het opstellen van nieuwe bindende klimaatdoelen uitstellen, zolang het hoger beroep loopt. 

Wij accepteren dit niet en gaan hiertegen in verweer. Mensen op Bonaire worden nu al geraakt door extreme hitte, droogte en zeespiegelstijging. Elke centigraad verdere opwarming heeft voor inwoners van Bonaire verstrekkende gevolgen. Het is daarom cruciaal dat Nederland zo snel mogelijk een eerlijk aandeel neemt in het terugdringen van broeikasgassen. Uitstel van actie is onacceptabel.

Bekijk hieronder het schorsingsverzoek van de Staat en het verweer van Greenpeace Nederland (met en namens de eisers van Bonaire) op het schorsingsverzoek.

Ter achtergrond, lees hier de tijdlijn en overige juridische stukken in de Klimaatzaak Bonaire. De statements die de eisers tijdens de rechtszaak deden lees je hier.