De winning van zeldzame mineralen bedreigt de diepzee, bossen en lokale en Inheemse gemeenschappen. Uniek onderzoek laat zien dat diepzeemijnbouw en natuurverwoesting op land nergens voor nodig zijn.

We maken ons samen met jou al jarenlang sterk voor bescherming van het nog zo onbekende diepzeeleven. In een uniek onderzoek – het eerste ter wereld – toont Greenpeace aan hoe de wereld kan overstappen op duurzame energie zónder kwetsbare natuur in de diepzee of op land te verwoesten voor ‘kritieke’ mineralen en metalen. Samen met het Institute for Sustainable Futures van de University of Technology Sydney ontkrachten we in het onderzoek ‘Beyond Extraction’ het valse verhaal van mijnbouwbedrijven, die beweren dat ze de diepzeebodem willen omploegen voor onze groene ambities: ‘Zonder diepzeemijnbouw is de energietransitie niet mogelijk.’
Onzin, stel jij samen met Greenpeace en andere milieuorganisaties al jaren – en met ons een groeiend aantal producenten van elektrische auto’s, techreuzen en financiële instellingen die zich uitspraken tégen diepzeemetalen. ‘Beyond Extraction’ beschrijft drie scenario’s, waarbij we gewoon elektrisch kunnen rijden en energie opslaan in batterijen, terwijl we de diepzee met rust laten. Ook vervuilende, mensenrechten schendende mijnbouw in landen als DR Congo is in deze scenario’s niet langer nodig.
De vraag kán omlaag
Uitgangspunt van ‘Beyond Extraction’ is dat we het 1,5°C-doel van Parijs halen dankzij een ambitieuze energietransitie. Maar dan eentje waarbij we veel minder metalen en mineralen nodig hebben. De wereldwijd stijgende vraag naar deze grondstoffen moet dus omlaag. Hóe dat kan, schetsen de onderzoekers in een basisscenario en twee ambitieuzere varianten die de gevolgen van elke optie goed laten zien. ‘Nu is het aan politieke besluitvormers om een verantwoorde keuze te maken’, zegt professor Sven Teske, hoofd van het onderzoeksteam.
Sven Teske is een oude bekende. Hij werkte jarenlang voor Greenpeace en was sinds 2005 de drijvende kracht achter onze Energie- [r]evolutiescenario’s. Hierin analyseerden we samen met gerenommeerde onderzoeksinstituten hoe besluitvormers de wereldwijde CO2-uitstoot al in 2050 konden halveren (no spoiler: ze deden het niet). Toch hadden de alom geroemde analyses grote invloed op het klimaatbeleid van (lokale) overheden, die zagen dat – en hoe – het kón.
Dat is precies wat Teske en zijn team opnieuw deden, nu voor negen metalen en mineralen: kobalt, koper, dysprosium, grafiet, lithium, mangaan, neodymium, nikkel en vanadium. Deze ‘kritieke mineralen’ zijn essentieel voor de productie van batterijen, magneten, harde schijven en staal; je vindt ze terug in onder meer smartphones, chips, elektrische auto’s en windturbines.
Vervoer, technologie en recycling
Het rapport schetst hoe een keuze voor meer openbaar vervoer, ambitieuze recyclingprogramma’s en innovatieve batterijen de vraag naar deze mineralen drastisch vermindert. Ook kleinere, lichtere en efficiëntere (deel)auto’s helpen aanzienlijk. Een grote klapper kan komen van nieuwe batterijtechnologieën. De opmars van lithium-accu’s zorgde al voor een sterke daling in de vraag naar kobalt en nikkel. In het meest ambitieuze scenario laten de onderzoekers zien hoe nog nieuwere, goedkopere technologieën zoals sodium-ion-accu’s ook lithium overbodig maken. Dát zijn de ontwikkelingen die beleidsmakers moeten stimuleren.
Met goede recycling kunnen we zelfs bijna de helft van de vraag naar mineralen en metalen dekken. Ons rapport pleit voor een veel beter inzamelsysteem, investeringen in geavanceerde recyclingtechnieken én beleid dat het gebruik van gerecyclede mineralen beloont. Nog een aanbeveling aan overheden en bedrijven: gebruik kritieke mineralen alleen waar ze het hardste nodig zijn. Voor de energietransitie dus.

Verboden voor mijnbouw
De onderzoekers maakten een wereldkaart waarop staat waar mijnbouw absoluut verboden moet worden. Want natuurlijk willen we geen energietransitie waarvoor de rechten van Inheemse en lokale gemeenschappen worden geschonden: bescherming van hun (land)rechten en van ecologisch kwetsbare gebieden staat voorop. Greenpeace onderzocht vervolgens waar de belangrijkste mineralenvoorraden zich bevinden en tekende dat in op dezelfde wereldkaart. Wat blijkt: er is genoeg te winnen buiten de verboden gebieden. Alleen als we de recyclingdoelen uit het basisscenario niet halen, zal er in 2050 te weinig lithium zijn voor de energietransitie. Zoals Teske al zei: nu draait het om politieke wil.
De drie scenario’s zijn realistisch, haalbaar en betaalbaar. Ze helpen de enorme milieuschade op land en in de (diep)zee te vermijden, en respecteren de rechten van Inheemse en lokale gemeenschappen. Verplicht leesvoer dus voor besluitvormers én de basis voor daadkrachtig beleid om kwetsbare ecosystemen, (land)rechten van Inheemse volken en de diepzeebodem te beschermen.
Dit artikel verscheen in de zomereditie 2026 van Greenpeace Magazine.
Internationale druk loopt op tegen diepzeemijnbouw
De weerstand tegen diepzeemijnbouw groeit snel. Het Europees Parlement riep in april op tot een moratorium én tot actie tegen landen en bedrijven die internationale regels omzeilen.
Aanleiding zijn plannen van de VS om mijnbouw toe te staan zonder toestemming van de Internationale Zeebodemautoriteit (ISA), die dit wereldwijd reguleert.
Tegelijk hield de ISA in maart de deur dicht: er kwamen opnieuw geen regels voor commerciële diepzeemijnbouw. Nederland was een van de landen die opriep tot meer onafhankelijk onderzoek naar de impact van diepzeemijnbouw.
Bedrijven als The Metals Company en Allseas mogen dus voorlopig niet van start. En dat is precies wat nodig is om de diepzee te beschermen.
Blijf op de hoogte
Meld je net als bijna 500.000 anderen aan voor de Greenpeace-nieuwsbrief en blijf op de hoogte van onze acties en campagnes en hoe je daaraan kan bijdragen.



