Beeld je in: je smartphone duurzaam en voordelig opladen met zonne-energie uit de wijk. Of een hogere opbrengst van jouw zonnepanelen door je overtollige stroom te verkopen aan je buur. Of samen met je medebewoners investeren en stroom gebruiken van de zonnepanelen op het dak van jullie flatgebouw of school. Of …

Dit klinkt nu nog als toekomstmuziek, maar met goede regelgeving wordt het dit jaar allemaal mogelijk. De komst van ‘energiegemeenschappen’ tegen deze zomer biedt hiervoor een unieke kans. Vraag jouw energieminister vandaag het startschot te geven voor een zonnige toekomst!

Onze eisen

Voor Vlaanderen

1.
Verhoog de Belgische doelstellingen voor hernieuwbare energie tegen 2030. Streef hierbij samen, met de drie gewesten en de federale overheid, naar 20 GW zonnepanelen en 6,4 GW onshore wind tegen 2030, en 4,4 GW offshore wind tegen 2025.

2.
Garandeer een eerlijk en transparant rendement voor reeds bestaande PV-installaties en voor toekomstige investeringen. Stel dit op vanuit een sterke langetermijnvisie, gebaseerd op ambitieuze doelstellingen voor hernieuwbare energie. Maak een regelgevend kader en steunregeling die juridisch sluitend zijn en investeringen juridische zekerheid bieden.

3.
Ontwikkel een regelgevend kader waarbij particulieren, bedrijven, scholen, landbouwers,… aangemoedigd worden om het volledige geschikte dakoppervlak te benutten bij het plaatsen van zonnepanelen. Pas regelgeving (bandingfactor, subsidieregeling,…) aan wanneer die ontmoedigt om meer vermogen te installeren dan wat het eigen verbruik dekt. Stap af van het principe van zelfconsumptie maar geef een eerlijke terugleververgoeding voor stroom die aan het net geleverd wordt.

4.
Zorg voor een economisch en financieel sterk model voor energiegemeenschappen waarbij elektriciteit verkocht en gedeeld kan worden tussen de deelnemers. Laat deelnemers elektriciteit verkopen binnen de energiegemeenschap, of laat ze samen investeren in zonne-energie en laat hen deze energie delen en zelf verbruiken. Ook een combinatie van beide modellen moet mogelijk zijn binnen dezelfde energiegemeenschap. Bereken netkosten op een kostenreflectieve en transparante manier. Gezien de voordelen die deze projecten hebben op de stabiliteit van het elektriciteitsnet, maar ook op het tegengaan van energiearmoede, is een vrijstelling of sterke reductie op de netkosten op de verhandelde en gedeelde elektriciteit binnen deze modellen verdedigbaar.

5.
Formuleer concrete, meetbare en ambitieuze doelstellingen voor het aantal prosumenten en energiegemeenschappen tegen 2024, met het oog op het realiseren van 11,11 GW PV in Vlaanderen tegen 2030. Maak doelstellingen voor zowel het aantal energiegemeenschappen als het aantal deelnemers aan deze projecten.

6.
Werk gericht en planmatig aan het bestrijden van energiearmoede. Energiegemeenschappen kunnen hier een belangrijke bijdrage in leveren door elektriciteit binnen de gemeenschap aan een voordelig tarief te verkopen.

7.
Maak de nieuwe regelgeving rond energiegemeenschappen, entiteiten collectieve zelfconsumptie en peer-to-peer (P2P) systemen eenvoudig, transparant en gebruiksvriendelijk. Het regelgevend kader moet de uitrol van deze nieuwe entiteiten zo veel mogelijk faciliteren en toegankelijk maken voor alle burgers.

7 a.
Maak een uitzondering op de verplichting voor een leveringsvergunning voor elektriciteit die verkocht en gedeeld wordt binnen de energiegemeenschap en P2P modellen. 

7 b.
Zorg voor administratieve eenvoud bij het oprichten en beheren van deze collectieve modellen. Vereenvoudig en standaardiseer aanvraagformulieren, verdeelsleutels en contracten. 

7 c.
Zorg voor voldoende facilitatie en ondersteuning bij het oprichten van deze nieuwe collectieve modellen. Lokale overheden zijn uitstekend geplaatst om  deze projecten te begeleiden, informeren en ondersteunen. Maak hier voldoende financiële middelen voor vrij. 

7 d.
Verplicht energiegemeenschappen zich te registreren zodat ze makkelijk herkenbaar zijn aan de hand van een logo of ander identificatiemiddel, en differentieer hierbij tussen energiegemeenschappen beheerd door burgers (CEC) en die beheerd door (energie)bedrijven of (lokale) overheden (REC).

8.
Plaats de burger centraal in deze nieuwe entiteiten, met name in de energiegemeenschappen van burgers (citizen energy community of CEC). Streef naar een hoge graad van burgerparticipatie en verplicht een governancestructuur bij een CEC waarbij de meerderheid van aandelen altijd in handen van burgers is: minstens 51% van de aandelen in een gemeenschap met 2 entiteiten, en minstens 35% bij 3 entiteiten. KMO’s en lokale overheden zijn welkom binnen een energiegemeenschap van burgers, maar mogen deze niet beheren. Enkel in een hernieuwbare energiegemeenschap (renewable energy community of REC) kunnen bedrijven en overheden een grotere rol spelen.

9.
Beperk de entiteit ‘collectieve zelfconsumptie’ niet tot appartementsgebouwen, maar laat het ook andere woonvormen omvatten zoals cohousingprojecten. Maak het mogelijk voor Iedere woonvorm die beheerd wordt door een vereniging van mede-eigenaars om een project met collectieve zelfconsumptie op te starten. Alle wooneenheden die beheerd worden door de vereniging van mede-eigenaars moeten kunnen deelnemen aan het project. Tevens moet de opgewekte elektriciteit die door zelfconsumptie verbruikt wordt volledig vrij zijn van netkosten, daar deze in realiteit geen gebruik maakt van het distributienet.

10.
Breid de mogelijkheden van de zonnekaart uit en geef energiegemeenschappen een zichtbare plaats op het platform. Zorg dat de zonnekaart het potentieel van mogelijke energiegemeenschappen kan simuleren. Gebruik het platform om burgers te informeren en de opstart van nieuwe energiegemeenschappen te faciliteren, of hun interesse hiervoor kenbaar te maken. Maak ook bestaande energiegemeenschappen zichtbaar op de zonnekaart en maak het mogelijk om via het platform contact met hen op te nemen. 

11.
Maak het beheren van lokale elektriciteits- en warmtenetten mogelijk voor energiegemeenschappen. Het oprichten van een “light” statuut voor het ontwikkelen en beheren van deze kleinschalige distributienetten voor warmte en elektriciteit kan dit vergemakkelijken.

12.
Geef energiegemeenschappen en entiteiten van collectieve zelfconsumptie de mogelijkheid om in verschillende manieren van energieopslag te investeren en deze te  beheren. Ontwikkel een regelgevend kader dat wijkbatterijen en gedeelde batterijen faciliteert en zorg voor een economisch winstgevend model. De elektriciteit die opgeslagen wordt in, en verbruikt wordt van de gedeelde batterij moet zo veel mogelijk vrijgesteld worden van netkosten, gezien de voordelen die deze collectieve manieren van opslag hebben op het elektriciteitsnet en voor de energietransitie.

13.
Hou vast aan de versnelde, kosteloze uitrol van de digitale meter. Geef daarbij niet alleen voorrang aan eigenaars van zonnepanelen, maar ook alle leden van energiegemeenschappen, entiteiten collectieve zelfconsumptie en P2P modellen, en gezinnen die willen intekenen op een dynamisch energiecontract.

Ik teken
Voor Brussel

1.
Verhoog de Belgische doelstellingen voor hernieuwbare energie tegen 2030. Streef hierbij samen, met de drie gewesten en de federale overheid, naar 20 GW zonnepanelen en 6,4 GW onshore wind tegen 2030, en 4,4 GW offshore wind tegen 2025.

2.
Ontwikkel een regelgevend kader waarbij particulieren, bedrijven, scholen, landbouwers,… aangemoedigd worden om het volledig geschikte dakoppervlak te benutten bij het plaatsen van zonnepanelen. Pas regelgeving (bandingfactor, subsidieregeling,…) aan wanneer die ontmoedigt om meer vermogen te installeren dan wat het eigen verbruik dekt. Stap af van het principe van zelfconsumptie maar geef een eerlijke terugleververgoeding voor stroom die aan het net geleverd wordt.

3.
Zorg voor een economisch en financieel sterk model voor energiegemeenschappen waarbij elektriciteit verkocht en gedeeld kan worden tussen de deelnemers. Laat deelnemers elektriciteit verkopen binnen de energiegemeenschap, of laat ze samen investeren in zonne-energie en laat hen deze energie delen en zelf verbruiken. Ook een combinatie van beide modellen moet mogelijk zijn binnen dezelfde energiegemeenschap. Bereken netkosten op een kostenreflectieve en transparante manier. Gezien de voordelen die deze projecten hebben op de stabiliteit van het elektriciteitsnet, maar ook op het tegengaan van energiearmoede, is een vrijstelling of sterke reductie op de netkosten op de verhandelde en gedeelde elektriciteit binnen deze modellen verdedigbaar.

4.
Formuleer concrete, meetbare en ambitieuze doelstellingen voor het aantal prosumenten en energiegemeenschappen tegen 2024, met het oog op het realiseren van 1,62 GW PV in Brussel tegen 2030. Maak doelstellingen voor zowel het aantal energiegemeenschappen als het aantal deelnemers aan deze projecten.

5.
Werk gericht en planmatig aan het bestrijden van energiearmoede. Energiegemeenschappen kunnen hier een belangrijke bijdrage in leveren door elektriciteit binnen de gemeenschap aan een voordelig tarief te verkopen.

6.
Maak de nieuwe regelgeving rond energiegemeenschappen, entiteiten collectieve zelfconsumptie en peer-to-peer (P2P) systemen eenvoudig, transparant en gebruiksvriendelijk. Het regelgevend kader moet de uitrol van deze nieuwe entiteiten zo veel mogelijk faciliteren en toegankelijk maken voor alle burgers.

6 a.
Maak een uitzondering op de verplichting voor een leveringsvergunning voor elektriciteit die verkocht en gedeeld wordt binnen de energiegemeenschap en P2P modellen. 

6 b.
Zorg voor administratieve eenvoud bij het oprichten en beheren van deze collectieve modellen. Vereenvoudig en standaardiseer aanvraagformulieren, verdeelsleutels en contracten. 

6 c.
Zorg voor voldoende facilitatie en ondersteuning bij het oprichten van deze nieuwe collectieve modellen. Lokale overheden zijn uitstekend geplaatst om  deze projecten te begeleiden, informeren en ondersteunen. Maak hier voldoende financiële middelen voor vrij. 

6 d.
Verplicht energiegemeenschappen zich te registreren zodat ze makkelijk herkenbaar zijn aan de hand van een logo of ander identificatiemiddel, en differentieer hierbij tussen energiegemeenschappen beheerd door burgers (CEC) en die beheerd door (energie)bedrijven of (lokale) overheden (REC).

7.
Plaats de burger centraal in deze nieuwe entiteiten, met name in de energiegemeenschappen van burgers (citizen energy community of CEC). Streef naar een hoge graad van burgerparticipatie en verplicht een governancestructuur bij een CEC waarbij de meerderheid van aandelen altijd in handen van burgers is: minstens 51% van de aandelen in een gemeenschap met 2 entiteiten, en minstens 35% bij 3 entiteiten. KMO’s en lokale overheden zijn welkom binnen een energiegemeenschap van burgers, maar mogen deze niet beheren. Enkel in een hernieuwbare energiegemeenschap (renewable energy community of REC) kunnen bedrijven en overheden een grotere rol spelen.

8.
Beperk de entiteit ‘collectieve zelfconsumptie’ niet tot appartementsgebouwen, maar laat het ook andere woonvormen omvatten zoals cohousingprojecten. Maak het mogelijk voor Iedere woonvorm die beheerd wordt door een vereniging van mede-eigenaars om een project met collectieve zelfconsumptie op te starten. Alle wooneenheden die beheerd worden door de vereniging van mede-eigenaars moeten kunnen deelnemen aan het project. Tevens moet de opgewekte elektriciteit die door zelfconsumptie verbruikt wordt volledig vrij zijn van netkosten, daar deze in realiteit geen gebruik maakt van het distributienet.

9.
Breid de mogelijkheden van de zonnekaart uit en geef energiegemeenschappen een zichtbare plaats op het platform. Zorg dat de zonnekaart het potentieel van mogelijke energiegemeenschappen kan simuleren. Gebruik het platform om burgers te informeren en de opstart van nieuwe energiegemeenschappen te faciliteren, of hun interesse hiervoor kenbaar te maken. Maak ook bestaande energiegemeenschappen zichtbaar op de zonnekaart en maak het mogelijk om via het platform contact met hen op te nemen. 

10.
Maak het beheren van lokale elektriciteits- en warmtenetten mogelijk voor energiegemeenschappen. Het oprichten van een “light” statuut voor het ontwikkelen en beheren van deze kleinschalige distributienetten voor warmte en elektriciteit kan dit vergemakkelijken.

11.
Geef energiegemeenschappen en entiteiten van collectieve zelfconsumptie de mogelijkheid om in verschillende manieren van energieopslag te investeren en deze te  beheren. Ontwikkel een regelgevend kader dat wijkbatterijen en gedeelde batterijen faciliteert en zorg voor een economisch winstgevend model. De elektriciteit die opgeslagen wordt in, en verbruikt wordt van de gedeelde batterij moet zo veel mogelijk vrijgesteld worden van netkosten, gezien de voordelen die deze collectieve manieren van opslag hebben op het elektriciteitsnet en voor de energietransitie.

12.
Hou vast aan de versnelde, kosteloze uitrol van de digitale meter. Geef daarbij niet alleen voorrang aan eigenaars van zonnepanelen, maar ook alle leden van energiegemeenschappen, entiteiten collectieve zelfconsumptie en P2P modellen, en gezinnen die willen intekenen op een dynamisch energiecontract.

Ik teken
Voor Wallonië

1.
Verhoog de Belgische doelstellingen voor hernieuwbare energie tegen 2030. Streef hierbij samen, met de drie gewesten en de federale overheid, naar 20 GW zonnepanelen en 6,4 GW onshore wind tegen 2030, en 4,4 GW offshore wind tegen 2025.

2.
Garandeer een eerlijk en transparant rendement voor reeds bestaande PV-installaties en voor toekomstige investeringen. Stel dit op vanuit een sterke langetermijnvisie, gebaseerd op ambitieuze doelstellingen voor hernieuwbare energie. Maak een regelgevend kader en steunregeling die juridisch sluitend zijn en investeringen juridische zekerheid bieden.

3.
Ontwikkel een regelgevend kader waarbij particulieren, bedrijven, scholen, landbouwers,… aangemoedigd worden om het volledig geschikte dakoppervlak te benutten bij het plaatsen van zonnepanelen. Pas regelgeving (bandingfactor, subsidieregeling,…) aan wanneer die ontmoedigt om meer vermogen te installeren dan wat het eigen verbruik dekt. Stap af van het principe van zelfconsumptie maar geef een eerlijke terugleververgoeding voor stroom die aan het net geleverd wordt.

4.
Zorg voor een economisch en financieel sterk model voor energiegemeenschappen waarbij elektriciteit verkocht en gedeeld kan worden tussen de deelnemers. Laat deelnemers elektriciteit verkopen binnen de energiegemeenschap, of laat ze samen investeren in zonne-energie en laat hen deze energie delen en zelf verbruiken. Ook een combinatie van beide modellen moet mogelijk zijn binnen dezelfde energiegemeenschap. Bereken netkosten op een kostenreflectieve en transparante manier. Gezien de voordelen die deze projecten hebben op de stabiliteit van het elektriciteitsnet, maar ook op het tegengaan van energiearmoede, is een vrijstelling of sterke reductie op de netkosten op de verhandelde en gedeelde elektriciteit binnen deze modellen verdedigbaar.

5.
Formuleer concrete, meetbare en ambitieuze doelstellingen voor het aantal prosumenten en energiegemeenschappen tegen 2024, met het oog op het realiseren van 7,28 GW PV in Wallonië tegen 2030. Maak doelstellingen voor zowel het aantal energiegemeenschappen als het aantal deelnemers aan deze projecten.

6.
Werk gericht en planmatig aan het bestrijden van energiearmoede. Energiegemeenschappen kunnen hier een belangrijke bijdrage in leveren door elektriciteit binnen de gemeenschap aan een voordelig tarief te verkopen.

7.
Maak de nieuwe regelgeving rond energiegemeenschappen, entiteiten collectieve zelfconsumptie en peer-to-peer (P2P) systemen eenvoudig, transparant en gebruiksvriendelijk. Het regelgevend kader moet de uitrol van deze nieuwe entiteiten zo veel mogelijk faciliteren en toegankelijk maken voor alle burgers.

7 a.
Maak een uitzondering op de verplichting voor een leveringsvergunning voor elektriciteit die verkocht en gedeeld wordt binnen de energiegemeenschap en P2P modellen. 

7 b.
Zorg voor administratieve eenvoud bij het oprichten en beheren van deze collectieve modellen. Vereenvoudig en standaardiseer aanvraagformulieren, verdeelsleutels en contracten. 

7 c.
Zorg voor voldoende facilitatie en ondersteuning bij het oprichten van deze nieuwe collectieve modellen. Lokale overheden zijn uitstekend geplaatst om  deze projecten te begeleiden, informeren en ondersteunen. Maak hier voldoende financiële middelen voor vrij. 

7 d.
Verplicht energiegemeenschappen zich te registreren zodat ze makkelijk herkenbaar zijn aan de hand van een logo of ander identificatiemiddel, en differentieer hierbij tussen energiegemeenschappen beheerd door burgers (CEC) en die beheerd door (energie)bedrijven of (lokale) overheden (REC).

8.
Plaats de burger centraal in deze nieuwe entiteiten, met name in de energiegemeenschappen van burgers (citizen energy community of CEC). Streef naar een hoge graad van burgerparticipatie en verplicht een governancestructuur bij een CEC waarbij de meerderheid van aandelen altijd in handen van burgers is: minstens 51% van de aandelen in een gemeenschap met 2 entiteiten, en minstens 35% bij 3 entiteiten. KMO’s en lokale overheden zijn welkom binnen een energiegemeenschap van burgers, maar mogen deze niet beheren. Enkel in een hernieuwbare energiegemeenschap (renewable energy community of REC) kunnen bedrijven en overheden een grotere rol spelen.

9.
Beperk de entiteit ‘collectieve zelfconsumptie’ niet tot appartementsgebouwen, maar laat het ook andere woonvormen omvatten zoals cohousingprojecten. Maak het mogelijk voor Iedere woonvorm die beheerd wordt door een vereniging van mede-eigenaars om een project met collectieve zelfconsumptie op te starten. Alle wooneenheden die beheerd worden door de vereniging van mede-eigenaars moeten kunnen deelnemen aan het project. Tevens moet de opgewekte elektriciteit die door zelfconsumptie verbruikt wordt volledig vrij zijn van netkosten, daar deze in realiteit geen gebruik maakt van het distributienet.

10.
Breid de mogelijkheden van de zonnekaart uit en geef energiegemeenschappen een zichtbare plaats op het platform. Zorg dat de zonnekaart het potentieel van mogelijke energiegemeenschappen kan simuleren. Gebruik het platform om burgers te informeren en de opstart van nieuwe energiegemeenschappen te faciliteren, of hun interesse hiervoor kenbaar te maken. Maak ook bestaande energiegemeenschappen zichtbaar op de zonnekaart en maak het mogelijk om via het platform contact met hen op te nemen.

11.
Maak het beheren van lokale elektriciteits- en warmtenetten mogelijk voor energiegemeenschappen. Het oprichten van een “light” statuut voor het ontwikkelen en beheren van deze kleinschalige distributienetten voor warmte en elektriciteit kan dit vergemakkelijken.

12.
Geef energiegemeenschappen en entiteiten van collectieve zelfconsumptie de mogelijkheid om in verschillende manieren van energieopslag te investeren en deze te  beheren. Ontwikkel een regelgevend kader dat wijkbatterijen en gedeelde batterijen faciliteert en zorg voor een economisch winstgevend model. De elektriciteit die opgeslagen wordt in, en verbruikt wordt van de gedeelde batterij moet zo veel mogelijk vrijgesteld worden van netkosten, gezien de voordelen die deze collectieve manieren van opslag hebben op het elektriciteitsnet en voor de energietransitie.

13.
Rol de digitale meter versneld en kosteloos uit. Geef daarbij niet alleen voorrang aan eigenaars van zonnepanelen, maar ook alle leden van energiegemeenschappen, entiteiten collectieve zelfconsumptie en P2P modellen, en gezinnen die willen intekenen op een dynamisch energiecontract.

Ik teken

Hernieuwbare energie is in feite helemaal gratis; je hoeft ze enkel te oogsten.

Hoe simpel dat ook mag lijken, er is nog best wat werk aan de winkel …