#Oceanen

30% van onze oceanen beschermen tegen 2030

Ik doe mee

Onze collega Sarah was een week lang aan boord van de Esperanza, één van de drie schepen van Greenpeace. Momenteel vaart de Esperanza van de Noordpool naar de Zuidpool om aandacht te vragen voor de bescherming van onze oceanen. Nu ze terug is op kantoor en haar batterijen meer opgeladen zijn dan ooit, blikt ze terug op deze unieke ervaring. Meevaren op een Greenpeace-schip, is dat ook één van jouw dromen?

Ik mocht mee!

Ik was op het kantoor van Greenpeace in Brussel toen ik te horen kreeg dat ik mee mocht op de Esperanza, tussen de Ijslandse hoofdstad Reykjavik en Portland, in het zuiden van de UK. Ik was superblij. Schepen maken deel uit van het dna van onze organisatie, het was dus een grote eer voor mij dat ik een week mee aan boord mocht. Ik was natuurlijk ook zeer benieuwd naar het avontuur dat mij te wachten stond… zo spannend!

Mijn eerste moment aan boord

Op 5 juni kwam ik aan in Reykjavik en zag er de Esperanza liggen. Het is het grootste schip van Greenpeace, wel 70 meter lang. Ik stapte met een klein hartje aan boord, bijna even zenuwachtig als op een eerste schooldag. Gelukkig stelde de bemanning me snel gerust. De eerste avond in Reykjavik zijn we nog met z’n allen een ijsje gaan eten, om het ijs te breken.

Ik deelde mijn kajuit met matroos Rita uit Libanon. Ze zag er zeer stoer uit, dus ik was eerst een beetje onder de indruk. Maar ze was een superleuk kajuitmaatje. Ze hielp me met alles en zorgde ervoor dat ik me snel thuis voelde op het schip.

Het dagelijks leven op de Esperanza

De bedoeling van de week was te leren hoe je een schip kan inzetten om campagne te voeren en acties te doen op zee. We leerden onder meer varen met de motorboten en oefenden hoe je via de ‘piratenladder’ snel terug aan boord van het schip kan klimmen.
We deden twee grote rollenspellen waarbij we een actie moesten organiseren, samen met de bemanning. Ik was verantwoordelijk voor pers en communicatie. Dat is ook mijn echte job bij Greenpeace. Maar op zee verloopt alles minder vlot dan op land: slecht weer, mensen die zeeziek zijn, verbindingen die wegvallen… Je moet heel flexibel zijn en snel kunnen reageren op onvoorspelbare omstandigheden.

Natuurlijk deden we ook gewoon mee aan het dagelijks leven aan boord. Zoals de rest van de bemanning, moesten we elke ochtend om 8u meehelpen met de klusjes aan boord. Ja, het schip kuisen, dat hoort er gewoon bij!

Speciale herinneringen

Op de vierde avond hebben we een speciaal feestje onder de sterren georganiseerd, om het terugkomen van de nacht te vieren. De bemanning was al twee maanden onderweg van en naar de Noordpool, waar de expeditie gestart is. Omdat het daar nu zomer is, blijft het daar altijd licht. Ze hadden dus al twee maanden geen sterren gezien. Dat was een heel bijzonder moment.
En op een dag, toen de zee glad en helder was, werden we vergezeld door een dertigtal dolfijnen. Ze hebben wel een uur met ons mee gezwommen. En om het plaatje helemaal compleet te maken, kwamen er toen ook twee walvissen de Esperanza begroeten.

Mijn batterijen zijn weer volledig opgeladen. Ik ben nog trotser dan voordien dat ik voor Greenpeace mag werken. De schepen maken Greenpeace tot een unieke organisatie op wereldschaal. We kunnen op een heel andere manier campagne voeren en plaatsen bereiken, waar niemand anders komt. Zo kunnen we via onze expedities situaties en problemen blootleggen, die anders onder de radar zouden blijven.

En ja, ik droom ervan om nog eens aan boord van een schip te mogen gaan, als persverantwoordelijke. Wie weet, misschien komt het er nog eens van? Een perfecte combinatie: je verkent de wereld en tegelijkertijd zorg je ervoor dat verhalen over onze planeet en het klimaat iedereen kunnen bereiken. Wil je helpen om 30% van de oceanen te beschermen tegen 2030?

Teken onze petitie